MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Veranderingen in het lichaam

Het menselijk lichaam ondergaat tal van duidelijk merkbare veranderingen naarmate het ouder wordt. Vaak zijn de eerste tekenen van veroudering merkbaar in het bewegingsapparaat. Rond de leeftijd van 35 jaar worden de maximale prestaties minder, zelfs bij topatleten. Op vroeg-middelbare leeftijd beginnen ook de zintuigen te veranderen. Een bekend verschijnsel is verziendheid (presbyopie), waarbij het oog moeite heeft om van dichtbij scherp te zien. Mensen van rond de veertig jaar hebben vaak een leesbril nodig of gaan over op bifocale lenzen. Een ander bekend ouderdomsverschijnsel, dat weliswaar later optreedt, is slechthorendheid (presbyacusis). Daarbij vermindert eerst het vermogen om de hoogste tonen te horen. Later worden ook de lagere tonen niet meer gehoord. Ouderen kunnen dan bijvoorbeeld merken dat ze vioolmuziek niet meer zo mooi vinden klinken als vroeger. En aangezien de meeste gesloten medeklinkers hoge tonen zijn (klanken als de k, t, s, p, en ch), hebben ouderen ook vaak het idee dat anderen mompelen.

Bij de meeste mensen neemt de hoeveelheid lichaamsvet met het ouder worden met meer dan 30% toe. Ook de verdeling van het vet is anders: er wordt minder vet onder de huid opgeslagen en meer in de buik. De huid wordt dunner en rimpelig (blootstelling aan de zon en roken hebben echter een sterkere invloed op de rimpelvorming) en kwetsbaarder. De vorm van de romp verandert ook.

Het is niet verrassend dat ook de meeste inwendige functies in de loop der jaren afnemen. Deze functies zijn gewoonlijk vlak voor het dertigste levensjaar optimaal en nemen dan langzaam maar zeker af. Maar zelfs met dit verlies blijven de meeste functies tijdens de rest van het leven op een voldoende niveau, aangezien de meeste organen over aanzienlijk meer functionele capaciteit beschikken dan het lichaam nodig heeft (functionele reserve). Zo blijft er, zelfs als de lever voor de helft is vernietigd, meer dan voldoende leverweefsel over om de normale functie in stand te houden. Op latere leeftijd wordt functieverlies eerder veroorzaakt door een ziekte dan door het normale verouderingsproces. Niettemin zullen ouderen als gevolg van dit functieverlies eerder last hebben van bijwerkingen van geneesmiddelen, veranderingen in de omgeving, gifstoffen en ziekten.

Hoewel het functieverlies van tal van organen slechts weinig invloed heeft op de leefwijze van de mens, kan een dergelijk verlies in bepaalde organen van grote invloed zijn op de gezondheid en het welzijn. Hoewel bijvoorbeeld de hoeveelheid bloed die het hart in rust kan rondpompen op latere leeftijd niet noemenswaardig afneemt, kan het hart bij maximale inspanning niet meer zo veel bloed rondpompen als voorheen. Dit betekent dat oudere atleten minder goed kunnen presteren dan jongere. Veranderingen in de nierfunctie kunnen grote gevolgen hebben voor de mate waarin bij ouderen bepaalde geneesmiddelen uit het lichaam kunnen worden afgevoerd. (zie Geneesmiddelen bij ouderen: Introductie)

Het is vaak moeilijk om te bepalen welke veranderingen uitsluitend door de hogere leeftijd worden veroorzaakt en welke het gevolg zijn van de leefwijze. Door een inactieve levensstijl, eenzijdige voeding, sigaretten, alcohol en drugs kunnen na verloop van tijd veel organen beschadigd raken, vaak sterker dan alleen door het ouder worden. Bij mensen die zijn blootgesteld aan gifstoffen, kan een sterker of sneller verlopend functieverlies van bepaalde orgaan optreden, vooral van de nieren, longen en lever. Mensen die op hun werk met ernstige geluidsoverlast te maken hebben, zullen waarschijnlijk meer gehoorverlies vertonen. Functievermindering kan enigszins worden voorkomen door gezonder te gaan leven. Door te stoppen met roken, ongeacht de leeftijd (zelfs boven de 80 jaar), verbetert de longfunctie en neemt het risico van longkanker en hartaandoeningen af. Oefeningen die het bewegingsapparaat belasten, zijn op elke leeftijd zinvol om de spieren en botten sterk te houden en vallen en verzwakking te voorkomen.

illustrative-material.table-short 1

VOORBEELDEN VAN VERANDERINGEN IN HET LICHAAM ALS GEVOLG VAN HET OUDER WORDEN

orgaanstelsel

normale met het ouder worden samenhangende veranderingen

gevolgen

hersenen

verminderde bloedtoevoer

flauwvallen treedt vaker op

verandering van gehalten van veel chemische stoffen

verwardheid treedt vaker op

verminderd functioneren van het centrale zenuwstelsel

geestelijk functioneren gaat achteruit; het vermogen om het evenwicht goed te bewaren en goed te lopen neemt af

ogen

verstijving van de lens

moeite met scherpstellen op voorwerpen op korte afstand

netvlies is minder gevoelig voor licht

moeite met zien bij zwak licht

pupillen reageren trager

moeite met snelle aanpassing aan veranderingen in lichtsterkte

oren

minder goed in staat om hoge frequenties te horen

moeite met verstaan van stemmen

mond

minder smaakpapillen

veel voedsel smaakt bitter of smakeloos

reuk

minder goed in staat om geuren waar te nemen

veel voedsel heeft weinig smaak

hart

verminderde versnelling van de hartslag

flauwvallen treedt vaker op

afname maximaal hartminuutvolume

minder goed in staat om inspannende activiteiten uit te voeren

verstijving van hartspieren

hartfalen treedt vaker op

verminderde reactie op bepaalde stimulerende prikkels

verminderde toename van hartslag

longen

minder luchtverplaatsing bij iedere ademhaling

minder goed in staat om inspannende activiteiten uit te voeren

minder zuurstof afgestaan aan het bloed

moeite met ademhalen op grote hoogten

lever

lever wordt kleiner, verminderde bloedtoevoer

effecten van medicijnen werken langer door, verminderd vermogen tot afbraak van gifstoffen

minder actief enzymstelsel

medicijnen bereiken hogere waarden in het lichaam, daardoor groter risico van bijwerkingen

nieren

nieren worden kleiner, verminderde bloedtoevoer

langere werking van medicijnen, verminderd vermogen tot afbraak van gifstoffen

urine is minder sterk geconcentreerd

uitdroging komt vaker voor

afgenomen vermogen om zout uit te scheiden

afwijkende zoutwaarden komen vaak voor

blaas

blaaswandspieren worden zwakker

urineren gaat moeizamer

verminderd vermogen om urineren uit te stellen

incontinentie treedt vaker op

dikke darm

spieren van de dikke darm worden zwakker

obstipatie

huid

onderhuidse vetlaag wordt dunner, afname van elastische vezels in de huid

rimpels vallen meer op; huid raakt sneller beschadigd; onderkoeling komt vaker voor

immuunsysteem

verminderde antilichaamproductie

infecties treden vaker op, zijn ernstiger en verspreiden zich sneller

stofwisseling

bloedglucosespiegel stijgt na de maaltijd

verhoogde neiging tot diabetes

hoeveelheid lichaamsvet neemt toe

verhoogd risico van diabetes

lagere vitamine-D-activiteit, verlaagde calciumopname, verhoogde calciumuitscheiding

osteoporose

mannelijke voortplantingsorganen

prostaatvergroting

verlaagde testosteronspiegels

verminderde bloedtoevoer naar de penis

vasthouden urine komt vaker voor

erectieproblemen

erectieproblemen

vrouwelijke voortplantingsorganen

verminderde oestrogeenproductie (baarmoeder en eierstokken worden kleiner)

verhoogd risico van coronaire hartziekte, osteoporose, ‘opvliegers', dunnere vaginawand

borsten worden vezeliger, vetafzetting in de borsten

moeilijker om borsten te controleren op tekenen van borstkanker

bloed

verminderde aanmaak van rode bloedcellen

verminderde reactie op bloedverlies of lage zuurstofwaarde

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Levensverwachting

Volgende: Ziekten die tot versnelde veroudering leiden

Illustraties
Tabellen
Disclaimer