MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Stervensproces (verloop van de terminale fase)

Mensen denken vaak dat de arts wel weet hoe lang iemand nog te leven heeft, maar deze informatie voor zich houdt. Niemand kan echter zeggen wanneer een zieke precies zal overlijden. Families wordt aangeraden niet aan te dringen op exacte voorspellingen of te veel waarde aan gedane voorspellingen te hechten. Soms blijven zeer zieke mensen nog enkele maanden of jaren in leven, veel langer dan voor mogelijk werd gehouden. Andere patiënten overlijden snel. Als een patiënt graag wil dat een bepaalde persoon bij zijn overlijden aanwezig is, kan het zijn dat er maatregelen moeten worden getroffen om die persoon voor onbepaalde tijd daartoe gelegenheid te geven. Soms is het echter noodzakelijk te voorspellen wanneer iemand aan een ziekte zal overlijden. Meestal worden de kosten voor palliatieve zorg wel vergoed door de ziektekostenverzekeraar. Hospices en instellingen voor palliatieve zorg hanteren bij opname als criterium ‘terminale ziekte', ofwel een prognose van ongeveer 3 maanden. Deze willekeurig gekozen periode is soms moeilijk te voorspellen.

Artsen kunnen voor een gemiddelde patiënt met bepaalde aandoeningen een redelijk nauwkeurige kortetermijnprognose opstellen op basis van statistische analysen van grote groepen patiënten met soortgelijke aandoeningen. Ze kunnen bijvoorbeeld nauwkeurig inschatten dat 5 van de 100 patiënten met soortgelijke ernstige aandoeningen de ziekte overleven en het ziekenhuis zullen verlaten. Maar het is veel moeilijker om te voorspellen hoe lang één bepaalde persoon nog te leven heeft. De nauwkeurigste voorspelling die een arts kan doen, is gebaseerd op kansberekening en op het vertrouwen dat de arts daarin stelt. Als de overlevingskans na 6 maanden 10% is, moeten mensen erkennen dat de overlijdenskans 90% is en moeten ze de nodige voorbereidingen treffen.

Wanneer geen statistische informatie beschikbaar is, is een arts mogelijk niet in staat om een prognose te geven of zal hij een prognose geven op basis van zijn persoonlijke ervaring, wat soms minder nauwkeurig kan zijn. Sommige artsen geven liever een hoopvol bericht door gevallen te beschrijven van opmerkelijke genezing zonder dat ze daarbij vermelden dat de meeste mensen met een dergelijke ernstige aandoening overlijden. Ernstig zieke patiënten en hun familieleden hebben echter recht op alle beschikbare informatie en op een zo realistisch mogelijke prognose. Soms is het evenwel nodig dat ze aangeven dergelijke informatie en niet alleen optimistische verhalen te willen horen.

De terminale fase kan worden gekenmerkt door een langdurige verslechtering, onderbroken door perioden waarin complicaties en bijwerkingen optreden. Bij kankerpatiënten in de terminale fase nemen de energie en het functioneren meestal pas in de laatste 1 tot 2 maanden voor het overlijden drastisch af en neemt het ongemak dan aanzienlijk toe. De zieke gaat zichtbaar achteruit en het wordt iedereen duidelijk dat het moment van overlijden nabij is. Het stervensproces verloopt echter meestal anders. Het kan voorkomen dat een patiënt die vanwege een ernstige ziekte in een ziekenhuis met agressieve middelen wordt behandeld, plotseling achteruitgaat en dat het pas enkele uren of dagen voor zijn dood bekend wordt dat hij zal overlijden.

Steeds vaker komt het echter voor dat de terminale fase wordt gekenmerkt door een langzame achteruitgang van

illustrative-material.sidebar 1

Communiceren met een stervende

Veel mensen vinden het moeilijk om openlijk over de dood te praten met een stervende, omdat ze onterecht in de veronderstelling verkeren dat die persoon niet over zijn toestand wil praten of een dergelijk gesprek als pijnlijk zou ervaren. Familieleden dienen echter steeds met de stervende in gesprek te blijven en hem bij de besluitvorming te betrekken. De volgende suggesties kunnen mensen helpen om zich meer op hun gemak te voelen bij de communicatie met een stervende:

  • Luister naar wat de persoon zegt. U kunt beter vragen: ‘Wat denk je' dan de communicatie te verbreken door opmerkingen als ‘Dat moet je niet zeggen'.
  • Praat over de toekomstverwachtingen die de stervende voor de familie heeft, lang na zijn dood, en werk dan terug naar gebeurtenissen die dichter bij het overlijden liggen. Dit vergemakkelijkt het praten over urgentere zaken, zoals de voorkeuren van de stervende rondom de begrafenis en de steun voor de naasten.
  • Blik samen met de stervende terug op gebeurtenissen, als een vorm van eerbetoon aan diens leven.
  • Blijf in gesprek met de stervende, ook als de persoon zelf niet meer kan praten. Andere vormen van contact kunnen zeer geruststellend werken, zoals de hand vasthouden, de patiënt masseren of gewoon bij hem blijven zitten.

alle vermogens, waarbij er soms perioden voorkomen met ernstige complicaties. Neurologische aandoeningen, zoals de ziekte van Alzheimer, volgen een dergelijk patroon, evenals emfyseem, leverinsufficiëntie, nierinsufficiëntie en andere chronische aandoeningen. Een ernstige hartziekte kan na verloop van tijd tot invaliditeit leiden en tussentijds ernstige symptomen veroorzaken, maar leidt meestal na een hartritmestoornis (aritmie) tot plotseling overlijden.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Na het overlijden

Volgende: Symptomen tijdens een dodelijke ziekte

Illustraties
Tabellen
Disclaimer