MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Symptomen tijdens een dodelijke ziekte

Veel dodelijke ziekten gaan gepaard met gelijksoortige symptomen, waaronder pijn, kortademigheid, spijsverteringsproblemen, incontinentie, huidbeschadiging en vermoeidheid. Daarnaast kunnen zich depressie, angstaanvallen, verwardheid, bewusteloosheid en invaliditeit voordoen.

Pijn

De meeste mensen zijn bang voor pijn wanneer ze met de dood worden geconfronteerd. Pijn kan echter meestal zo worden bestreden dat de persoon bij bewustzijn blijft, zich bewust is van wat er om hem heen gebeurt en niet lijdt.

Bestraling kan bepaalde vormen van pijn bij kanker bestrijden door de tumorgrootte en -groei te verminderen. Fysiotherapie of pijnstillers als paracetamol en acetylsalicylzuur Handelsnaam
Acetylsalicylzuur
Aspirine
Aspro
(aspirine) worden toegepast om lichte pijn tegen te gaan. Sommige mensen hebben baat bij hypnose of biofeedback (zie Pijn: Pijnbestrijding zonder pijnstillers) – methoden die geen merkbare bijwerkingen met zich meebrengen – om de pijn effectief te verlichten. Vaak zijn echter opioïden als codeïne en morfine Handelsnaam
MS Contin
Kapanol
Noceptin
Sevredol
nodig. (zie Pijn: Opioïde analgetica)

Oraal (via de mond) toegediende opioïden kunnen de pijn urenlang effectief verlichten, terwijl toediening van krachtiger opioïden kan plaatsvinden door middel van een pleister, een injectie of een continu infuus in een ader. Angst voor medicijnverslaving mag geen rol spelen en er moeten al in een vroeg stadium voldoende medicijnen worden toegediend, niet pas wanneer de pijn ondraaglijk is. Er bestaat geen standaarddosis, sommige patiënten hebben slechts een kleine dosis nodig, andere een veel hogere.

Kortademigheid

Ademnood behoort tot de meest gevreesde symptomen bij stervenden, maar is veelal beheersbaar. Er zijn diverse methoden om de ademhaling te vergemakkelijken, bijvoorbeeld door opgehoopt vocht in de pleuraholte weg te halen, de patiënt in een andere houding te leggen, extra zuurstof toe te dienen of door bestraling of toediening van corticosteroïden om een tumor die de luchtwegen blokkeert te laten slinken. Door toediening van opioïden kunnen patiënten met lichte, aanhoudende kortademigheid gemakkelijker ademen. Opioïden worden altijd toegediend in combinatie met midazolam Handelsnaam
Dormicum
, een angstremmend middel, zodat de patiënt rustig in slaap kan vallen.

Wanneer deze behandelingen geen of onvoldoende effect hebben, is het mogelijk de dosis opioïden en midazolam Handelsnaam
Dormicum
zodanig te verhogen dat de patiënt in slaap wordt gebracht. Veel artsen in de palliatieve zorgsector (hospices en verpleeghuizen) zullen benadrukken dat deze handeling zich wezenlijk van euthanasie onderscheidt. Een patiënt die aan het einde van zijn leven niet benauwd wil zijn, dient ervoor te zorgen dat de arts dit symptoom goed zal behandelen, zelfs als een dergelijke behandeling tot bewusteloosheid leidt of het overlijden enigszins bespoedigt.

Spijsverteringsproblemen

Spijsverteringsproblemen, zoals een droge mond, misselijkheid, obstipatie, darmafsluiting en geen eetlust komen vaak voor bij zeer zieke patiënten. Sommige van deze problemen worden door de ziekte veroorzaakt. Andere, zoals obstipatie, kunnen bijwerkingen van bepaalde geneesmiddelen zijn.

Een droge mond kan met natte wattenstokjes of harde snoepjes worden verminderd. Er zijn diverse producten tegen gebarsten lippen te koop. Om gebitsproblemen te voorkomen moet een patiënt vaak zijn tanden poetsen of met speciale sponsjes het gebit, de mondholte en de tong reinigen.

Misselijkheid en braken kunnen worden veroorzaakt door geneesmiddelen, een darmafsluiting of een ziekte in een vergevorderd stadium. Mogelijk moet een arts andere geneesmiddelen of een middel tegen misselijkheid en braken (een anti-emeticum) voorschrijven. Misselijkheid als gevolg van een darmafsluiting kan ook met anti-emetica worden behandeld, eventueel in combinatie met andere verlichtende maatregelen.

Obstipatie veroorzaakt zeer veel ongemak. Door een beperkte voedselinname, gebrek aan lichamelijke activiteit en het gebruik van bepaalde geneesmiddelen kunnen de darmen traag worden. Er kunnen zich buikkrampen voordoen. Behandeling met middelen die de ontlasting zachter maken, laxeermiddelen en klysma's kunnen nodig zijn om de obstipatie te verhelpen, vooral wanneer deze door opioïden wordt veroorzaakt. Verlichting van obstipatie heeft meestal een gunstige uitwerking, zelfs in late stadia van een ziekte.

In geval van een darmafsluiting kan een operatie noodzakelijk zijn. Afhankelijk van de algehele toestand van de patiënt, de vermoedelijke levensverwachting en de oorzaak van de afsluiting kan toediening van geneesmiddelen die de darmen stilleggen en de maagsapafscheiding verminderen de voorkeur verdienen, soms in combinatie met het laten leeglopen van de maag via een sonde. Opioïden zijn zinvol om de pijn te bestrijden.

Problemen met slikken (dysfagie) treden bij sommige mensen op, vooral na een CVA, bij dementie in een vergevorderd stadium of door een afsluiting als gevolg van kanker. Soms kan de patiënt weer slikken door tijdens het eten een bepaalde lichaamshouding aan te nemen of door voedsel te kiezen dat gemakkelijk kan worden doorgeslikt. Als het probleem niet kan worden opgelost, moet worden besloten of met sondevoeding moet worden gestart.

Geen eetlust treedt uiteindelijk bij de meeste patiënten in de stervensfase op. Dit is een natuurlijk verschijnsel, dat geen extra lichamelijke problemen met zich meebrengt en waarschijnlijk een rol speelt bij rustig sterven, al kunnen de familieleden het als verontrustend ervaren. Stervende patiënten sterken niet aan door zichzelf te dwingen iets te eten, maar ze vinden het mogelijk plezierig om kleine porties van thuis bereide lievelingsgerechten te eten.

Als de patiënt naar verwachting niet binnen enkele uren of dagen zal sterven, kan gedurende een beperkte tijd worden geprobeerd om voeding en vocht toe te dienen, intraveneus of door middel van een slang via de neus naar de maag (sondevoeding). Zo kan worden nagegaan of de patiënt zich dankzij deze betere voeding beter voelt en beter aanspreekbaar of energieker wordt. Niettemin kiezen veel mensen ervoor om niet op deze manier te worden gevoed. In alle gevallen dienen de patiënt en de familieleden duidelijk met de arts af te spreken wat ze met deze maatregelen trachten te bereiken en wanneer deze maatregelen moeten worden stopgezet als ze geen effect hebben.

Een verminderde inname van voedsel of vocht veroorzaakt geen pijn. Aangezien de hart- en nierfuncties afnemen, leidt een normale vloeistofinname vaak zelfs tot benauwdheid, aangezien het vocht zich in de longen ophoopt. Wanneer de patiënt minder eet en drinkt, kan de noodzaak tot drainage (laten leeglopen) van de maag afnemen, aangezien er minder vocht in de maag wordt geproduceerd. Bij een kankerpatiënt kan dan de pijn verminderen doordat er minder druk op tumoren wordt uitgeoefend. Daarom moeten patiënten niet worden gedwongen te eten of te drinken, zeker niet als dit gebruik van onrustbanden, infusen of ziekenhuisopname noodzakelijk zou maken.

Incontinentie

Veel mensen in de stervensfase verliezen de controle over hun darm- en blaasfunctie (incontinentie) als gevolg van de ziekte of van algehele zwakte. Incontinentieluiers en zorgvuldige hygiënemaatregelen bieden meestal uitkomst.

Doorligwonden (drukzweren of decubitus)

Stervenden zijn gevoelig voor doorligwonden, die ongemak veroorzaken en tot infecties kunnen leiden. Patiënten die weinig bewegen, bedlegerig zijn of veel zitten, lopen het grootste risico. Door de normale druk op de huid, die ontstaat door zitten of over de lakens schuiven, kan de huid kloven vertonen of beschadigd raken. Er moet alles aan worden gedaan om de huid te beschermen. Wanneer de huid rood wordt of beschadigd raakt, dient dit onmiddellijk aan de arts te worden gemeld. (zie Doorligwonden: Introductie)

Regelmatig van houding veranderen verkleint het risico van doorligwonden.

Vermoeidheid

De meeste dodelijke ziekten gaan met vermoeidheid gepaard. Een stervende persoon kan proberen zijn krachten voor wezenlijke zaken te sparen. Vaak is een bezoek aan de arts of het doorgaan met oefeningen die niet meer helpen niet van wezenlijk belang, vooral als dit energie vergt die nodig is voor activiteiten die de patiënt meer voldoening geven. Soms helpen stimulerende middelen.

Depressie en angst

Een verdrietig gevoel wanneer men nadenkt over het einde van het leven is een natuurlijke reactie, maar dit verdriet is geen depressie. Iemand met depressie verliest de belangstelling voor wat er om hem heen gebeurt, ziet uitsluitend de sombere kant van het leven of ervaart geen emoties. (zie Depressie en manie: Depressie)

Een stervende patiënt en zijn naasten dienen met de arts over dergelijke gevoelens te praten, zodat de depressie kan worden vastgesteld en behandeld. De behandeling, meestal een combinatie van geneesmiddelen en therapie, is vaak effectief, zelfs in de laatste weken van het leven doordat de kwaliteit van de resterende tijd wordt verbeterd.

Angst is meer dan zich gewoon zorgen maken. Angst betekent dat men zo bezorgd en bang is dat dit invloed op de dagelijkse bezigheden heeft. (zie Angststoornissen: Introductie) Angst kan ontstaan door een gevoel dat er informatie wordt onthouden of dat men door de ziekte wordt overvallen. De angstgevoelens kunnen worden verlicht door de zorgverleners om meer informatie of hulp te vragen. Iemand die altijd al angstaanvallen heeft tijdens perioden van stress, kan ook in de stervensfase eerder dergelijke aanvallen vertonen. In deze fase zal hij waarschijnlijk baat hebben bij behandelmethoden die ook voorheen hielpen, zoals geruststelling, geneesmiddelen en het ombuigen van angst in productieve activiteiten. De stervende patiënt met angstaanvallen dient hulp te ontvangen van therapeuten en heeft mogelijk kalmerende middelen (anxiolytica) nodig.

Verwardheid en bewusteloosheid

Ernstig zieke patiënten raken gemakkelijk verward. Deze verwardheid kan worden veroorzaakt door een geneesmiddel, een lichte infectie of zelfs door verandering van woonomstandigheden. Geruststelling en heroriëntatie kunnen de verwardheid verminderen, maar de arts dient toch te worden ingelicht, zodat naar behandelbare oorzaken kan worden gezocht. Een patiënt die erg in de war is, moet soms voortdurend onder de hoede van een zorgverlener blijven of kalmerende middelen in een lichte dosis toegediend krijgen.

Een stervende persoon die verward is, zal niet beseffen dat zijn leven ten einde loopt. Vlak voor het overlijden kan een verward persoon nog verrassend heldere momenten doormaken. Deze momenten kunnen zeer waardevol zijn voor de familie, maar kunnen ook onterecht voor tekenen van herstel worden aangezien. De familie dient erop te zijn voorbereid dat dergelijke momenten zich kunnen voordoen, maar mag daar niet van uitgaan.

Bijna de helft van alle mensen die op sterven liggen, zijn tijdens hun laatste dagen vaak niet bij bewustzijn. Als de familieleden van mening zijn dat de bewusteloze patiënt hen nog kan horen, kunnen ze afscheid van hem nemen alsof de persoon in kwestie hen echt kan horen. Inslapen tijdens bewusteloosheid is een vredige manier om te sterven, vooral als de patiënt en de familieleden zich met het lot hebben verzoend en alle maatregelen zijn getroffen.

Invaliditeit

Dodelijke ziekten gaan vaak met toenemende invaliditeit gepaard. Mensen kunnen geleidelijk aan het vermogen verliezen om voor het huishouden te zorgen, maaltijden te bereiden, financiële zaken af te handelen, te lopen of voor zichzelf te zorgen. De meeste mensen in de terminale fase hebben tijdens de laatste weken hulp nodig. Men dient met een dergelijke invaliditeit rekening te houden door bijvoorbeeld een woning te kiezen die voor rolstoelen toegankelijk is en die in de buurt ligt van familieleden die de patiënt verzorgen. Dankzij bepaalde vormen van hulpverlening, zoals bezigheidstherapie, fysiotherapie en thuiszorg kan een patiënt vaak in zijn eigen huis blijven wonen, zelfs wanneer de invaliditeit toeneemt.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Stervensproces (verloop van de terminale fase)

Volgende: Vlak voor het overlijden

Illustraties
Tabellen
Disclaimer