MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Eliminatie van geneesmiddelen

Eliminatie is verwijdering van geneesmiddelen uit het lichaam.

Alle geneesmiddelen worden in een al dan niet chemisch gewijzigde (gemetaboliseerde) vorm door uitscheiding uit het lichaam verwijderd. De meeste geneesmiddelen, met name de wateroplosbare middelen en hun metabolieten, worden grotendeels door de nieren in de urine uitgescheiden.

Verschillende factoren, waaronder bepaalde eigenschappen van het geneesmiddel, zijn van invloed op het vermogen van de nieren om geneesmiddelen uit te scheiden. Om goed in de urine te kunnen worden uitgescheiden moet een geneesmiddel of metaboliet in water oplosbaar zijn en niet te sterk aan eiwitten in het bloed gebonden zijn. De zuurgraad van de urine, die wordt beïnvloed door de voeding, geneesmiddelen en nieraandoeningen, kan van invloed zijn op de snelheid waarmee de nieren sommige geneesmiddelen uitscheiden. Bij de behandeling van vergiftiging door sommige geneesmiddelen wordt de zuurgraad van de urine gewijzigd door toediening van orale zuurremmers (antacida, zoals natriumbicarbonaat) of zure stoffen (zoals ammoniumchloride) om de uitscheiding van het geneesmiddel te versnellen.

Het vermogen van de nieren om geneesmiddelen uit te scheiden is ook afhankelijk van de urinestroom, de doorbloeding door de nieren en de toestand van de nieren. De nierfunctie kan door veel aandoeningen worden aangetast, met name hoge bloeddruk, diabetes mellitus en recidiverende nierinfecties, door blootstelling aan hoge concentraties toxische chemische stoffen en door leeftijdsafhankelijke veranderingen. Bij het ouder worden neemt de nierfunctie af. De nier van een persoon van 85 jaar scheidt geneesmiddelen nog maar half zo efficiënt uit als die van iemand van 35 jaar.

Soms past de arts de dosering aan van een geneesmiddel dat voornamelijk door de nieren wordt uitgescheiden. Aan de hand van de normale leeftijdsgebonden afname van de nierfunctie kan de arts de juiste dosis bepalen zuiver op basis van iemands leeftijd. De juiste dosering kan echter nauwkeuriger worden vastgesteld door te bepalen hoe goed de nieren functioneren. Er kan bloedonderzoek worden uitgevoerd om de hoeveelheid creatinine (een afbraakproduct) in het bloed te meten. Ook kan een urinetest worden uitgevoerd, zodat de hoeveelheid creatinine in urine die gedurende 12 tot 24 uur is verzameld, kan worden vergeleken met de hoeveelheid creatinine in het bloed (de creatinineklaring).

Sommige geneesmiddelen worden na het passeren van de lever onveranderd uitgescheiden in de gal. De gal komt vervolgens terecht in het maag-darmkanaal. Van hieruit worden geneesmiddelen verwijderd in de ontlasting of opnieuw opgenomen in het bloed en dus opnieuw gebruikt. Andere geneesmiddelen worden omgezet in metabolieten die worden uitgescheiden in de gal. De metabolieten kunnen worden uitgescheiden in de ontlasting of weer worden omgezet in het geneesmiddel, dat dan opnieuw in het bloed wordt opgenomen.

Als de lever niet normaal functioneert, kan de arts de dosering van een geneesmiddel dat voornamelijk wordt uitgescheiden door omzetting in de lever aanpassen. Anders dan voor de nierfunctie zijn er echter geen eenvoudige methoden om de leverfunctie kwantitatief op de biotransformatie van geneesmiddelen te beoordelen.

Sommige geneesmiddelen worden uitgescheiden in speeksel, zweet, moedermelk en zelfs met de uitgeademde lucht. Meestal gaat het hierbij om kleine hoeveelheden. De uitscheiding van geneesmiddelen in moedermelk is alleen van belang omdat het geneesmiddel schadelijk kan zijn voor het kind dat borstvoeding krijgt. Uitscheiding in de uitgeademde lucht is de belangrijkste manier waarop geïnhaleerde verdovingsmiddelen uit het lichaam worden verwijderd.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Distributie van geneesmiddelen

Volgende: Resorptie van geneesmiddelen

Illustraties
Tabellen
Disclaimer