MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ
In dit onderwerp
Oorzaken
Naar boven

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Oorzaken

Elke aandoening die het hart rechtstreeks aantast, kan leiden tot hartfalen en hetzelfde geldt voor aandoeningen die het hart indirect aantasten. Bij sommige aandoeningen ontstaat al snel hartfalen, bij andere aandoeningen pas na jaren. Sommige aandoeningen leiden tot systolische disfunctie, waardoor het hart onvoldoende bloed kan wegpompen, terwijl andere leiden tot diastolische disfunctie, waardoor het hart zich niet voldoende met bloed kan vullen. En sommige aandoeningen, zoals hoge bloeddruk en hartklepaandoeningen, leiden tot beide vormen van disfunctie.

Systolische disfunctie: aandoeningen die systolische disfunctie veroorzaken, kunnen het gehele hart aantasten of slechts een deel ervan. Hierdoor kan het hart niet meer normaal samentrekken.

Een veelvoorkomende oorzaak van systolische disfunctie is coronaire hartziekte. Daarbij kunnen grote delen van het hart worden beschadigd doordat de toevoer van zuurstofrijk bloed naar de hartspier wordt belemmerd en de hartspier onvoldoende zuurstof krijgt om normaal te kunnen samentrekken. Afsluiting van een kransslagader kan leiden tot een hartinfarct, waarbij een deel van de hartspier afsterft. Daardoor kan dat gedeelte van het hart niet meer normaal samentrekken.

Een andere oorzaak waardoor (een deel van) de hartspier beschadigd kan raken en de pompfunctie verslechtert, is myocarditis (ontsteking van de hartspier) als gevolg van infectie door een bacterie, een virus of een andere ziekteverwekker.

Ook kan hartfalen worden veroorzaakt door hartklepaandoeningen, zoals een vernauwing (stenose), waardoor de bloedstroom door het hart wordt gehinderd, of lekkage, waardoor er bloed via een klep terugstroomt (regurgitatie). Zowel vernauwing als lekkage betekent een extra grote belasting voor het hart, waardoor het hart op den duur groter wordt en niet meer goed kan pompen. Bij een abnormale verbinding (septumdefect (zie Aangeboren afwijkingen: Atrium- en ventrikelseptumdefecten) en) tussen de hartholten gaat het bloed binnen het hart circuleren, waardoor de belasting van het hart toeneemt. Hierdoor kan hartfalen ontstaan.

Aandoeningen van het elektrische geleidingssysteem van het hart die leiden tot veranderingen in het hartritme (vooral een te snelle of onregelmatige hartslag) kunnen ook hartfalen veroorzaken. Wanneer het hart op een abnormale manier klopt, kan het minder goed bloed rondpompen.

Bij sommige longaandoeningen, zoals pulmonale hypertensie (zie Pulmonale hypertensie: Introductie), treden er veranderingen of beschadigingen op in de bloedvaten van de longen. Daardoor moet het hart harder werken om het bloed in de longslagaders te pompen. Pulmonale hypertensie kan leiden tot een aandoening die ‘cor pulmonale' wordt genoemd (zie Pulmonale hypertensie:IntroductieKader). Bij deze aandoening wordt de rechter kamer, die het bloed naar de longen pompt, vergroot, waardoor uiteindelijk rechtszijdig hartfalen kan ontstaan.

Ook door een plotselinge volledige afsluiting van een longslagader door een aantal kleine bloedstolsels of één zeer groot stolsel (longembolie) wordt het moeilijker om het bloed in de longslagaders te pompen. Een zeer groot stolsel kan zelfs direct levensbedreigend zijn. Doordat de rechter harthelft meer moeite moet doen om bloed in de afgesloten longslagaders te pompen, kan deze helft van het hart groter worden en kunnen de wanden van de rechter kamer dikker worden, waardoor rechtszijdig hartfalen ontstaat.

Tot de aandoeningen die het pompvermogen van het hart indirect aantasten, horen een tekort aan rode bloedcellen of aan hemoglobine (bloedarmoede), een te actieve schildklier (hyperthyreoïdie), een te traag werkende schildklier (hypothyreoïdie) en nierinsufficiëntie. Rode bloedcellen bevatten hemoglobine, waardoor ze in staat zijn zuurstof vanuit de longen naar de verschillende lichaamsweefsels te transporteren. Door bloedarmoede (anemie) vervoert het bloed minder zuurstof, zodat het hart harder moet werken om dezelfde hoeveelheid zuurstof naar de weefsels te brengen. (Bloedarmoede kan allerlei oorzaken hebben, bijvoorbeeld chronische bloedingen ten gevolge van een maagzweer.) Wanneer de schildklier te hard werkt, wordt het hart te sterk gestimuleerd, zodat het te snel gaat pompen en zich niet bij elke hartslag normaal leegt. Wanneer de schildklier te traag werkt, is de hoeveelheid schildklierhormoon in het bloed laag. Daardoor worden alle spieren in het lichaam (dus ook de hartspier) verzwakt, want spieren hebben schildklierhormonen nodig om normaal te kunnen werken. Ook bij nierfalen wordt het hart extra belast, omdat de nieren overmatig vocht niet uit het bloed kunnen verwijderen, zodat het hart meer bloed moet rondpompen. Uiteindelijk kan het hart dit niet meer volhouden en ontstaat er hartfalen.

Diastolische disfunctie: de meest voorkomende oorzaak van diastolische disfunctie is niet-afdoende behandelde hoge bloeddruk. Hoge bloeddruk betekent een belasting voor het hart, omdat het hart harder dan normaal moet werken om het bloed tegen de verhoogde druk in de slagaders in te pompen. Uiteindelijk worden de wanden van het hart dikker (hypertrofie) en stugger. Het stugge hart vult zich niet snel of onvoldoende met bloed, zodat het hart bij elke samentrekking minder bloed wegpompt dan normaal.

De wanden van het hart worden vaak ook stugger met het stijgen van de leeftijd. De combinatie van hoge bloeddruk, die bij ouderen algemeen voorkomt, en de met de leeftijd samenhangende verstijving van de hartwand maakt dat hartfalen bij ouderen veel voorkomt.

Hartfalen kan ontstaan door aandoeningen die de hartwand stugger maken, zoals infiltraties en infecties. Zo worden bij mensen met de ziekte ‘amyloïdose' allerlei lichaamsweefsels geïnfiltreerd door amyloïd, een eiwit dat normaal niet in het lichaam aanwezig is. Als dit amyloïd de hartwand infiltreert, wordt deze stug, waardoor hartfalen ontstaat. In tropische landen kan hartfalen ook worden veroorzaakt doordat de hartwand door bepaalde parasieten geïnfecteerd raakt, zelfs bij jonge mensen. Bepaalde hartklepaandoeningen, zoals vernauwing (stenose) van de aortaklep, belemmeren de uitstroom van bloed uit het hart. Daardoor moet de hartspier harder werken en wordt deze dikker, wat aanvankelijk leidt tot diastolische disfunctie. Op den duur ontstaat ook systolische disfunctie.

Bij de aandoening ‘constrictieve pericarditis' wordt het vlies rondom het hart (het hartzakje of pericard) hard en stug, waardoor zelfs een gezond hart zich niet meer normaal kan vullen en niet langer goed kan pompen.

illustrative-material.figure-short 1

Hartfalen: pomp- en vulproblemen

Hartfalen: pomp- en vulproblemen

Normaal gesproken wordt het hart opgerekt terwijl het zich met bloed vult (tijdens de diastole), waarna het zich samentrekt om het bloed naar de slagaders te pompen (tijdens de systole).

Hartfalen als gevolg van systolische disfunctie ontstaat gewoonlijk doordat het hart zich niet normaal kan samentrekken. Het kan zich wel met bloed vullen, maar de verzwakte hartspier is niet in staat al het bloed naar de slagaders pompen. Daardoor vermindert de hoeveelheid bloed die naar het lichaam en naar de longen wordt gepompt en raakt het hart, in het bijzonder de linker kamer, meestal vergroot.

Hartfalen als gevolg van diastolische disfunctie ontstaat doordat de hartwand stugger en soms dikker wordt, zodat het hart zich onvoldoende met bloed kan vullen. Daardoor kan het bloed de linker boezem en de longvaten niet verlaten en ontstaat er bloedstuwing (congestie). Het hart kan evenwel in staat zijn een normaal percentage van het bloed dat binnenkomt, naar de slagaders te blijven pompen.

Doordat het hart de mate van samentrekking aanpast aan de hoeveelheid bloed die het bevat, ontstaan er nooit lege ruimten in de hartholten. De verschillen in de hoeveelheden bloed die de hartkamers binnenstromen en verlaten, zijn aangegeven door de dikte van de pijlen.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Diagnose

Volgende: Preventie en behandeling

Illustraties
Tabellen
Disclaimer