MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

ARDS (acute respiratory distress syndrome) is een vorm van longinsufficiëntie die bij veel verschillende longaandoeningen kan voorkomen waardoor vochtophoping in de longen (longoedeem) en een te lage zuurstofconcentratie in het bloed ontstaan.

ARDS is een medische noodsituatie, die zich vaak voordoet bij patiënten met een ernstige longziekte. ARDS kan echter ook voorkomen bij mensen met tot dan toe gezonde longen. Dit syndroom wordt ook wel adult (volwassene) respiratory distress syndrome genoemd, ondanks het feit dat het ook bij kinderen kan voorkomen. De minder ernstige vorm van dit syndroom wordt ‘acute longbeschadiging' genoemd.

Oorzaken

Alle ziekten en aandoeningen waarbij longbeschadiging optreedt, kunnen ARDS veroorzaken. Bij ongeveer eenderde van de patiënten die aan dit syndroom lijden, ontstaat ARDS als gevolg van een ernstige, uitgebreide infectie (sepsis). Andere mensen krijgen ARDS nadat eerst een ander orgaan, zoals de alvleesklier, aanzienlijk beschadigd is. Door beschadiging van de alvleesklier kunnen eiwitten als enzymen en cytokinen vrijkomen. Deze eiwitten kunnen andere lichaamsorganen en -weefsels beschadigen, waaronder de longen.

Wanneer de longblaasjes (alveoli) en de haarvaten van de longen worden aangetast, lekt er bloed en vocht weg naar de ruimte tussen de longblaasjes en uiteindelijk naar de longblaasjes zelf. Samenvallen van een groot aantal longblaasjes (een aandoening met de naam ‘atelectase' (zie Atelectase)) kan ook het gevolg zijn van minder actief surfactans. Surfactans is de vloeistof die de binnenkant van de longblaasjes bedekt en een rol speelt bij het openhouden van de longblaasjes. Door vocht in de longblaasjes en het inklappen van veel longblaasjes wordt het zuurstoftransport uit de ingeademde lucht naar het bloed verstoord, waardoor de zuurstofconcentratie in het bloed scherp daalt. De afgifte van kooldioxide van het bloed aan de uitademingslucht wordt minder sterk verstoord, zodat de kooldioxideconcentratie in het bloed maar weinig verandert.

illustrative-material.sidebar 1

Oorzaken van ARDS

  • aspiratie (inademen) van voedsel in de longen
  • brandwonden
  • cardiopulmonale bypassoperatie
  • borstwandletsel
  • alvleesklierontsteking (pancreatitis)
  • inademing van grote hoeveelheden rook
  • inhalatie van ander toxisch gas
  • longbeschadiging ten gevolge van het inademen van hoge zuurstofconcentraties
  • grote bloedtransfusies
  • bijna-verdrinking
  • overdosis drugs of geneesmiddelen als heroïne, methadon, dextropropoxyfeen en acetylsalicylzuur (aspirine)
  • pneumonie
  • langdurige lage bloeddruk of sterk verlaagde bloeddruk (shock)
  • longembolie
  • ernstige, uitgebreide infectie (sepsis)

Symptomen en diagnostisch onderzoek

ARDS ontstaat gewoonlijk binnen 24 tot 48 uur na de oorspronkelijke beschadiging of het begin van de aandoening. Het begint met kortademigheid, gewoonlijk in combinatie met een snelle, oppervlakkige ademhaling. Met een stethoscoop kunnen knetterende of fluitende geluiden (wheezing) in de longen te horen zijn, maar de ademhalingsgeluiden kunnen ook normaal zijn. Door de lage zuurstofconcentratie in het bloed kan de huid vlekkerig of blauw worden (cyanose) en kunnen andere organen als het hart en de hersenen slechter functioneren, met als gevolg een snelle hartslag, verwardheid en slaperigheid.

Het zuurstoftekort door ARDS en de lekkage naar de bloedbaan van bepaalde eiwitten (cytokinen), geproduceerd door longcellen en witte bloedcellen, kunnen leiden tot ontstekingen en complicaties in andere organen. Ook kunnen meerdere organen tegelijk uitvallen, wat ‘multipel' orgaanfalen (multiple-organ failure) wordt genoemd. Orgaanfalen kan zich al snel na het begin van ARDS voordoen, maar ook dagen of weken later. Bovendien hebben ARDS-patiënten minder weerstand tegen longinfecties en ontstaat bij hen vaak bacteriële pneumonie.

Uit onderzoek van een bloedmonster uit een slagader blijkt een lage zuurstofconcentratie in het bloed (zie Symptomen en diagnose van longaandoeningen: Arteriële bloedgasanalyse) en op een thoraxfoto is vocht te zien in ruimten waar lucht hoort te zitten. Verder onderzoek kan nodig zijn om te controleren of het probleem niet door hartfalen wordt veroorzaakt (zie Hartfalen).

Behandeling en prognose

ARDS-patiënten worden op een afdeling voor intensieve zorg behandeld. Het succes van de behandeling hangt af van het resultaat van de aanpak van de onderliggende aandoening. Zuurstoftoediening, essentieel om de lage zuurstofconcentratie te corrigeren, wordt gecombineerd met behandeling van de onderliggende aandoening.

Als de zuurstofconcentratie onvoldoende op peil kan worden gebracht met zuurstoftoediening via een masker of neusslangetje, of als een extreem hoge dosis zuurstof moet worden toegediend, is kunstmatige beademing noodzakelijk (zie Ademhalingsinsufficiëntie: Behandeling). Het beademingsapparaat geeft zuurstofrijke lucht onder druk af door een buisje (tube) dat via de mond in de luchtpijp is gebracht. Bij ARDS-patiënten staat de lucht uit het beademingsapparaat zowel bij inademing als bij uitademing onder druk, waarbij de druk bij uitademing (de zogenaamde ‘positieve eindexpiratoire druk') lager is. Door de druk van het beademingsapparaat tijdens en na de ademhaling worden de samengevallen (atelectatische) gedeelten van de longen geopend en kan er zuurstof door de wanden van de beschadigde longblaasjes heen in het bloed worden opgenomen.

De luchtdruk en de hoeveelheid lucht die het beademingsapparaat per ademhalingscyclus aan de longen afgeeft, moeten zodanig worden ingesteld dat de kleine luchtwegen en de longblaasjes open blijven zonder dat de kwetsbare longblaasjes scheuren. Als er longblaasjes scheuren, kan zich lucht rondom de long ophopen, waardoor de long inklapt (pneumothorax (zie Aandoeningen van de longvliezen: Pneumothorax)). Bewaking en aanpassing van de druk zorgen er eveneens voor dat de longen geen te hoge concentratie zuurstof krijgen toegediend, want dit kan longbeschadiging veroorzaken en ARDS verergeren. Beperking van de hoeveelheid lucht per ademteug zorgt er ook voor dat verdere longbeschadiging door overrekking van longweefsel wordt voorkomen. Vaak worden kalmerende middelen als midazolam Handelsnaam
Dormicum
toegediend om de patiënt rustig te houden en het gevoel van kortademigheid te verlichten.

In sommige gevallen kunnen diuretica (vochtafdrijvende middelen) nodig zijn om vocht uit de longen te verwijderen. Als de patiënt een bacteriële pneumonie krijgt, moet meestal een antibioticum worden toegediend. In een later stadium van ARDS hebben sommige patiënten baat bij intraveneus toegediende corticosteroïden. Andere ondersteunende maatregelen, zoals toediening van vloeibare voedingssupplementen via een kleine voedingssonde in de maag of de dunne darm (Ondervoeding: Diagnose en behandeling), zijn eveneens belangrijk, omdat uitdroging of ondervoeding het risico van multipel orgaanfalen vergroot. Als de patiënt op deze wijze onvoldoende voeding binnenkrijgt, kan intraveneuze voeding nodig zijn.

Zonder onmiddellijke behandeling leidt het ernstige door ARDS veroorzaakte zuurstoftekort bij 90% van de patiënten tot overlijden. Als er echter een adequate behandeling wordt ingesteld, overleeft ongeveer de helft van alle patiënten met ernstige ARDS.

Patiënten die snel op behandeling reageren, herstellen meestal volledig met weinig of geen longafwijkingen op lange termijn. Bij patiënten die langdurig worden beademd, bestaat er een groter risico dat er littekenvorming in de longen optreedt. Dit littekenweefsel kan verminderen in de loop van een paar maanden nadat de beademing is gestaakt.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven
Illustraties
Tabellen
Disclaimer