MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Conversiestoornis

Bij een conversiestoornis worden lichamelijke symptomen die door een psychisch conflict worden veroorzaakt, onbewust geconverteerd naar symptomen die lijken op die van een neurologische aandoening.

Een conversiestoornis, vroeger ‘hysterie' genoemd, wordt veroorzaakt door psychische stress en conflicten, die door mensen met deze stoornis onbewust omgezet worden in lichamelijke symptomen. Conversiestoornissen doen zich gewoonlijk voor tijdens de adolescentie of op jongvolwassen leeftijd, maar kunnen zich op elke leeftijd voor het eerst openbaren. Algemeen wordt aangenomen dat de aandoening iets vaker bij vrouwen dan bij mannen voorkomt.

Symptomen en diagnose

De symptomen van een conversiestoornis beperken zich tot symptomen die een disfunctioneren van het zenuwstelsel suggereren, gewoonlijk verlamming van een arm of been of het verlies van gevoel in een deel van het lichaam. Andere symptomen zijn onder meer gesimuleerde toevallen en het verlies van een zintuig, zoals het gezichtsvermogen of het gehoor.

Meestal is het begin van de symptomen gekoppeld aan een beangstigende sociale of psychische gebeurtenis. Zo'n episode komt soms maar één keer in iemands leven of meerdere malen verspreid over zijn leven voor, maar meestal duren deze episoden maar kort. Als mensen met symptomen van een conversiestoornis in het ziekenhuis worden opgenomen, vertonen zij meestal binnen twee weken verbetering. Bij 20 tot 25% van hen komen de symptomen echter binnen een jaar weer terug. Bij sommige mensen worden ze chronisch.

De diagnose is aanvankelijk vaak moeilijk te stellen omdat de betrokkene denkt dat de symptomen worden veroorzaakt door een lichamelijk probleem. Hij wil daarom niet naar een psychotherapeut. Artsen moeten er ook zeker van zijn dat er geen lichamelijke aandoening voor de symptomen verantwoordelijk is. De diagnose wordt daarom pas gesteld nadat door uitgebreid lichamelijk onderzoek is aangetoond dat er geen lichamelijke aandoening aanwezig is die de symptomen volledig kan verklaren.

Behandeling

Een vertrouwensrelatie tussen arts en patiënt is van essentieel belang voor de behandeling. Zodra de arts een mogelijke lichamelijke stoornis heeft onderzocht en de persoon heeft gerustgesteld met de boodschap dat de symptomen niet op een ernstige onderliggende ziekte duiden, voelt deze zich vaak al beter en nemen de symptomen af. Wanneer het begin van de symptomen door een psychisch verontrustende situatie is voorafgegaan, kan psychotherapie vaak bijzonder effectief zijn.

Er zijn verschillende behandelmethoden geprobeerd die soms effectief kunnen zijn, maar geen enkele methode is in alle gevallen geheel effectief gebleken. Een van die methoden is hypnotherapie. De persoon wordt gehypnotiseerd en er wordt gekeken of er psychische problemen zijn die verantwoordelijk zouden kunnen zijn voor de symptomen. Deze worden ook besproken. Na de hypnose, wanneer de persoon weer geheel alert is, gaat de bespreking van de psychische problemen verder. Een andere (zelden toegepaste) methode is narcoanalyse, een procedure die lijkt op hypnose. Hierbij krijgt de persoon een kalmerend middel toegediend om een toestand van halfslaap op te wekken. Gedragstherapie, gecombineerd met ontspanningsoefeningen, is bij sommige mensen ook effectief gebleken.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Introductie

Volgende: Hypochondrie

Illustraties
Tabellen
Disclaimer