MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Effecten van het ouder worden

Ouderen zijn soms minder goed in staat voedsel aan de hand van smaak te identificeren en ze vinden voedsel vaak bitter smaken. Ouderen kunnen ook aandoeningen hebben of geneesmiddelen gebruiken die hun smaakvermogen aantasten.

Veel oudere mensen behouden tegenwoordig hun gebit, vooral degenen die geen gaatjes hebben en niet lijden aan een parodontale aandoening: een ziekte van het tandvlees en het steunweefsel die door ophoping van bacteriën wordt veroorzaakt. Sommige ouderen verliezen een aantal of al hun gebitselementen en hebben een partiële of volledige prothese nodig. Het verlies van gebitselementen kan in uitzonderlijke gevallen de oorzaak zijn dat een oudere niet meer zo goed kan kauwen en daardoor onvoldoende voedingsstoffen en energie tot zich neemt.

Naarmate mensen ouder worden slijt het tandglazuur af, waardoor de gebitselementen kwetsbaar worden voor beschadiging en tandbederf. Een parodontale aandoening is echter de belangrijkste oorzaak van tandverlies. Mensen met een slechte mondhygiëne of een slecht voedingspatroon, rokers en mensen met bepaalde aandoeningen, zoals diabetes mellitus, leukemie of aids, hebben een groter risico van een parodontale aandoening.

Naarmate mensen ouder worden, loopt de speekselproductie enigszins terug. De betekenis van deze verandering is nog onduidelijk. Sommige deskundigen zijn van mening dat hierdoor de bekledende laag van de slokdarm vatbaarder voor beschadiging wordt.

illustrative-material.sidebar 1

Kleurveranderingen in de mond

Overal in de mond kunnen witgekleurde stukken ontstaan. Vaak zijn dit voedselresten die gemakkelijk kunnen worden verwijderd. Omdat witgekleurde stukken echter ook een vroege aanwijzing voor mondkanker kunnen zijn, moeten ze altijd door een arts of tandarts worden beoordeeld. Andere soorten witgekleurde gebieden zijn onder meer een witte sponsnaevus (een erfelijke aandoening die ‘congenitale leukokeratose' wordt genoemd), een witte lijn langs het tandvlees tegenover de gebitselementen (linea alba) en een grijsachtig witte verkleuring van het slijmvlies (leukoedeem).

In de mond kunnen donkerblauwe of zwarte plekken ontstaan door het zilveramalgaam in een vulling, door grafiet als gevolg van vallen met een potlood in de mond of door een moedervlek.

Bij zware rokers van sigaretten kan een donkerbruine of zwarte verkleuring optreden die ‘rokersmelanose' (ook wel ‘melanotische maculae' of ‘focale melanoplakie') wordt genoemd. Inname van lood of van geneesmiddelen die zilver bevatten, kan tot een grijze verkleuring van het tandvlees leiden. Minocycline Handelsnaam
Minocin
Aknemin
Minotab
, een antibioticum, verkleurt het bot, wat vlakbij de gebitselementen grijs of bruin kan doorschijnen. Bruine plekken in de mond kunnen ook aangeboren zijn. Zo komen donker gepigmenteerde vlekken vooral veel voor bijmensen met een donkere huid en mensen uit het Middellandse-Zeegebied.

Soms zijn kleurveranderingen in de mond een aanwijzing voor een ziekte van het gehele lichaam. Door bloedarmoede is het mondslijmvlies mogelijk bleek van kleur in plaats van normaal, gezonde rozerood. Door mazelen, een virusziekte, kunnen er vlekken aan de binnenkant van de wangen ontstaan. Deze vlekken, die ‘Koplik-vlekken' worden genoemd, lijken op kleine witte zandkorreltjes omgeven door een rode ring. Ook de ziekte van Addison en kanker (zoals een kwaadaardig melanoom) kunnen kleurveranderingen veroorzaken. Bij aidspatiënten kunnen paarsachtige vlekken

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Introductie

Illustraties
Tabellen
Disclaimer