MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Acute virushepatitis

Acute virushepatitis is een ontsteking van de lever door infectie met één van de vijf hepatitisvirussen. In de meeste gevallen begint de ontsteking plotseling en duurt slechts enkele weken.

Symptomen

Acute virushepatitis kan allerlei aandoeningen veroorzaken, variërend van een onschuldige, griepachtige ziekte tot fatale leverinsufficiëntie. De ernst van de symptomen en het herstel lopen sterk uiteen, afhankelijk van het type virus en de wijze waarop het lichaam op de infectie reageert. Hepatitis A en C veroorzaken vaak zeer lichte symptomen die onopgemerkt kunnen blijven of helemaal geen symptomen, maar bij hepatitis B en E is de kans op ernstige symptomen groter. Wanneer hepatitis B en hepatitis D gelijktijdig voorkomen, kan dat de symptomen nog verergeren.

Symptomen van acute virushepatitis ontstaan meestal plotseling. Hiertoe behoren onder meer: slechte eetlust, misselijkheid, braken en vaak koorts. Bij rokers is afkeer van sigaretten een kenmerkend symptoom. Vooral bij een hepatitis-B-infectie komen in sommige gevallen gewrichtspijn en jeukende, rode bulten op de huid (kwaddels) voor.

Na enkele dagen wordt de urine donker en kan er geelzucht ontstaan (een gelige verkleuring van de huid en het oogwit). Beide symptomen zijn het gevolg van ophoping van bilirubine (de belangrijkste kleurstof in gal, het groengele door de lever geproduceerde spijsverteringssap) in het bloed. Kenmerkend is dat de meeste symptomen in deze fase weer verdwijnen en de patiënt zich beter voelt, ondanks dat de geelzucht verergert. De geelzucht bereikt meestal binnen 1 tot 2 weken een hoogtepunt en verdwijnt vervolgens langzaam binnen 2 tot 4 weken. Er kunnen zich symptomen voordoen van cholestase (galstuwing, afname of onderbreking van de galstroom), zoals bleke ontlasting en jeuk over het hele lichaam.

In zeldzame gevallen, vooral bij hepatitis B, kunnen de symptomen zeer ernstig (fulminant) worden, met leverinsufficiëntie die fataal kan verlopen, in het bijzonder bij volwassenen.

Diagnose

Een arts vermoedt de diagnose ‘acute virushepatitis' op grond van de symptomen. Bij lichamelijk onderzoek vindt de arts bij ongeveer de helft van de patiënten met acute virushepatitis een drukgevoelige en enigszins vergrote lever. Uit de resultaten van leverfunctietests blijkt dat de lever ontstoken is en ook kan de arts aan de hand van deze resultaten afleiden of de hepatitis door alcoholmisbruik of door een virus is veroorzaakt. Meestal kan ook worden vastgesteld welk specifiek virus de hepatitis veroorzaakt of welke specifieke antilichamen het lichaam produceert om het virus te bestrijden.

Preventie

Er zijn vaccins voorhanden om hepatitis-A- en hepatitis-B-infecties te voorkomen. Zoals dit voor de meeste vaccins geldt, bieden deze hepatitisvaccins pas na een aantal weken maximale bescherming doordat het immuunsysteem geleidelijk antilichamen tegen het virus aanmaakt. Mensen die niet zijn gevaccineerd en die met het hepatitis-A- of hepatitis-B-virus worden besmet, kunnen onmiddellijk worden beschermd met een injectie met zogeheten ‘immunoglobulinen'. De mate van bescherming varieert echter en is slechts tijdelijk. Er bestaan geen vaccins tegen het hepatitis-C-, hepatitis-D- en hepatitis-E-virus; vaccinatie tegen het hepatitis-B-virus beschermt echter ook tegen infectie met het hepatitis-D-virus.

Enkele andere preventieve maatregelen ter voorkoming van infectie met hepatitisvirussen zijn: grondig handen wassen alvorens voedsel te bereiden, risicovol gedrag vermijden (zoals het gezamenlijke gebruik van naalden bij drugsgebruik en onbeschermde seks) en bloedtransfusies vermijden, tenzij absoluut noodzakelijk.

illustrative-material.sidebar 1

De hepatitisvirussen

Hepatitis A

Overdracht: Hepatitis A wordt voornamelijk overgebracht van de ontlasting van de ene persoon naar de mond van de andere persoon. Meestal is dat het gevolg van slechte hygiëne, bijvoorbeeld als een geïnfecteerde persoon voedsel bereidt met ongewassen handen. Soms wordt het virus in kinderdagverblijven verspreid, waar de verzorgers in contact kunnen komen met geïnfecteerde ontlasting in luiers. Soms zijn rauwe schaaldieren besmet wanneer ze zijn gevangen in wateren waarin ongezuiverd afvalwater wordt geloosd.

Epidemieën als gevolg van verspreiding via water en voedsel komen vaak voor, vooral in derdewereldlanden. Hepatitis A kan ook via seksueel contact worden overgebracht.

Symptomen en prognose: De meeste hepatitis-A-infecties veroorzaken geen symptomen en worden niet opgemerkt, hoewel zich kenmerkende symptomen van acute hepatitis kunnen voordoen. Een patiënt met een acute infectie herstelt volledig, tenzij er sprake is van een ernstige (fulminante) infectie. Een dergelijk infectie komt echter zelden voor (minder vaak dan bij hepatitis B). Het virus blijft niet in het lichaam achter (virusdrager) en veroorzaakt geen chronische hepatitis.

Preventie: Goede hygiëne bij het verwerken van voedsel en het voorkomen van besmetting van watervoorraden zijn belangrijk.

Mensen met een verhoogd besmettingsrisico worden gevaccineerd tegen hepatitis A, zoals reizigers naar delen van de wereld waar de ziekte algemeen voorkomt.

Standaardimmunoglobulinen bie-den mensen die zijn blootgesteld aan hepatitis A zinvolle directe bescherming. De immunoglobulinen kunnen als aanvulling op vaccinatie worden gegeven.

Hepatitis B

Overdracht: Hepatitis B wordt minder gemakkelijk overgebracht dan hepatitis A. Het virus kan via besmet bloed worden overgebracht, maar dat komt in westerse landen nog maar zelden voor. Het virus wordt vaak overgebracht doordat drugsverslaafden dezelfde naalden gebruiken.

Hepatitis B wordt ook door contact met speeksel, tranen, moedermelk, urine, vaginaal vocht en sperma verspreid. Vaak vindt overdracht plaats tussen seksuele partners, zowel bij heteroseksuelen als bij homoseksuele mannen. Mensen die in een afgesloten omgeving leven (zoals in gevangenissen of psychiatrische inrichtingen) lopen ook meer risico omdat het risico groter is dat ze met -lichaamsvocht van anderen in aanraking komen. Een met hepatitis B geïnfecteerde zwangere vrouw kan het virus tijdens de bevalling op haar baby overdragen.

Hepatitis B kan worden overgebracht door gezonde mensen die chronisch drager van het virus zijn. Het is niet duidelijk of het virus door insectenbeten kan worden overgebracht.

In veel gevallen van hepatitis B is de oorzaak niet bekend.

Symptomen en prognose: Hepatitis B is over het algemeen ernstiger dan hepatitis A en heeft soms een dodelijk beloop, vooral bij oudere mensen of na een bloedtransfusie. De ziekte kan licht of hevig (fulminant) van aard zijn. De symptomen zijn ernstiger bij een patiënt die behalve hepatitis B ook hepatitis D heeft. Gewrichtspijn en jeukende rode verdikkingen op de huid (kwaddels) komen vaker voor bij iemand met hepatitis B dan bij patiënten die met andere hepatitisvirussen zijn besmet.

Bij 5 tot 10% van de geïnfecteerde patiënten wordt hepatitis B chronisch. In het Verre Oosten en in delen van Afrika is het hepatitis-B-virus verantwoordelijk voor veel gevallen van chronische hepatitis, cirrose en leverkanker.

Preventie: Risicovol gedrag, zoals het delen van naalden en veel wisselende seksuele contacten, moet worden vermeden.

Vaccinatie tegen hepatitis B stimuleert het afweersysteem van het lichaam en biedt in de meeste gevallen bescherming. Patiënten die worden gedialyseerd, patiënten met cirrose en patiënten met een verzwakt afweersysteem hebben mogelijk minder baat bij vaccinatie. Vaccinatie is vooral belangrijk voor mensen met een verhoogd risico van hepatitis-B-besmetting.

Algemene vaccinatie tegen hepatitis B wordt steeds vaker aanbevolen.

Standaardimmunoglobulinen bieden mensen die zijn blootgesteld aan hepatitis B een directe, maar beperkte bescherming. Hepatitis-B-immunoglobuline biedt een betere bescherming. Pasgeborenen van moeders met hepatitis B krijgen hepatitis-B-immunoglobuline en worden gevaccineerd. Deze combinatie voorkomt chronische hepatitis B bij ongeveer 70% van de zuigelingen.

Hepatitis C

Overdracht:_Tot 1992 was ten minste 80% van de gevallen van hepatitis die werden veroorzaakt door bloedtransfusie, een hepatitis-C-infectie. Tegenwoordig is deze wijze van overdracht zeldzaam. Het virus wordt het frequentst overgebracht onder drugsverslaafden die naalden met elkaar delen. Overdracht via seksueel contact komt weinig voor. Overdracht van hepatitis C van een zwangere vrouw op haar baby komt eveneens niet vaak voor.

Het is niet bekend waarom mensen met een alcoholische leverziekte ook vaak hepatitis C hebben. Een klein aantal gezonde mensen blijkt chronisch drager van het virus te zijn.

Symptomen en prognose: Hepatitis C is enigszins onvoorspelbaar. De acute fase van de ziekte verloopt meestal mild en vaak zonder symptomen. De leverfunctie kan eerst verbeteren om vervolgens gedurende enkele maanden of jaren herhaaldelijk te fluctueren.

De kans dat hepatitis C chronisch wordt, is ten minste 75%.

Bij ongeveer 20% van de patiënten ontstaat cirrose. Als er eenmaal sprake is van cirrose, kan er ook leverkanker ontstaan.

Preventie: Het gebruik van verdovende middelen en ander risicovol gedrag, zoals het laten zetten van tatoeages en piercings, moeten worden vermeden.

Er is momenteel geen vaccin beschikbaar. Toediening van standaardimmunoglobulinen is niet zinvol.

Hepatitis D

Overdracht: Hepatitis D komt het meest voor bij drugsverslaafden die naalden met elkaar delen.

Symptomen en prognose: Hepatitis D komt alleen voor als co-infectie bij hepatitis B; meestal verloopt de hepatitis-B-infectie daardoor ernstiger.

Preventie: Vaccinatie tegen het hepatitis-B-virus neemt ook het risico van een hepatitis-D-besmetting weg. Hepatitis-B-immunoglobuline beschermt tevens tegen hepatitis-D-infectie.

Hepatitis E

Overdracht: Hepatitis E wordt voornamelijk overgebracht van de ontlasting van de ene persoon naar de mond van de andere persoon. Het virus veroorzaakt soms epidemieën die vaak via water worden overgebracht en die lijken op de epidemëeen die het hepatitis-A-virus veroorzaakt. Tot nu toe hebben deze epidemieën zich uitsluitend voorgedaan in ontwikkelingslanden.

Symptomen en prognose: Hepatitis E kan ernstige symptomen veroorzaken van acute virushepatitis, vooral bij zwangere vrouwen.

Chronische hepatitis of chronisch virusdragerschap komt niet voor.

Preventie: Er is momenteel geen vaccin beschikbaar.

Het is niet bekend of het gebruik van standaard- immunoglobulinen zinvol is.

Behandeling en prognose

De meeste patiënten hebben geen speciale behandeling nodig, hoewel patiënten met ongewoon ernstige acute hepatitis mogelijk in het ziekenhuis moeten worden opgenomen. Na de eerste paar dagen komt de eetlust meestal weer terug en de patiënt hoeft niet in bed te blijven. Een streng dieet of beperking van activiteiten is niet nodig, evenmin als het gebruik van vitaminesupplementen. De meeste mensen kunnen weer zonder risico aan het werk gaan nadat de geelzucht is verdwenen, ook als de uitslagen van de leverfunctietests niet helemaal normaal zijn.

Patiënten met hepatitis moeten geen alcohol gebruiken totdat ze volledig zijn hersteld (zie Leververvetting, cirrose en verwante aandoeningen:IntroductieKader). Het gebruik van bepaalde geneesmiddelen die tot schadelijke concentraties in het lichaam kunnen leiden, moet worden gestaakt of de dosering ervan moet worden verlaagd omdat de lever ze niet meer kan omzetten (metaboliseren). Een voorbeeld hiervan is acenocoumarol of theofylline Handelsnaam
Euphyllin
Theolair
. De patiënt moet de arts dus vertellen welke geneesmiddelen hij gebruikt (zowel op recept als vrij verkrijgbare geneesmiddelen, met inbegrip van kruidenpreparaten), zodat de dosering eventueel kan worden aangepast.

Een patiënt met acute virushepatitis herstelt meestal in 4 tot 8 weken, zelfs zonder behandeling. Patiënten die met het hepatitis-C-virus zijn besmet, kunnen echter chronische dragers van het virus worden. Dit risico geldt ook voor patiënten besmet met het hepatitis-B-virus, zij het in mindere mate. Een drager van het virus heeft geen symptomen, maar is nog altijd besmet en kan chronische hepatitis krijgen, ook al is de ziekte niet duidelijk, en kan het virus ook op anderen overdragen. Bij een chronische drager kan uiteindelijk cirrose ontstaan (ernstige littekenvorming in de lever (zie Leververvetting, cirrose en verwante aandoeningen: Cirrose)) of leverkanker (zie Tumoren van de lever: Introductie).

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Introductie

Volgende: Chronische hepatitis

Illustraties
Tabellen
Disclaimer