MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Acute nierinsufficiëntie

Acute nierinsufficiëntie is een snelle afname (binnen dagen tot weken) van het vermogen van de nieren om afvalproducten van de stofwisseling uit het bloed te filtreren.

Acute nierinsufficiëntie kan het gevolg zijn van aandoeningen waarbij de bloedtoevoer naar de nieren afneemt of waarbij de afvloed van urine ergens in de urinewegen wordt belemmerd. Nierinsufficiëntie kan eveneens het gevolg zijn van ziekten die de nieren zelf aantasten.

Symptomen

De symptomen zijn afhankelijk van de ernst van de nierinsufficiëntie, de snelheid waarmee de aandoening zich ontwikkelt en de achterliggende oorzaak.

Bij sommige patiënten is het eerste symptoom van acute nierinsufficiëntie vochtretentie (het vasthouden van vocht), waardoor de voeten en de enkels opzetten of het gezicht pafferig wordt en de handen opzetten. De patiënt kan colakleurige urine uitplassen, wat op een nierfilterontsteking kan wijzen. De hoeveelheid urine (bij de meeste gezonde volwassenen driekwart tot twee liter per dag) neemt vaak af tot minder dan een halve liter per dag (oligurie) of er wordt helemaal geen urine meer geproduceerd (anurie). Er zijn echter ook patiënten met acute nierinsufficiëntie die normale hoeveelheden urine blijven produceren.

Naarmate acute nierinsufficiëntie langer bestaat en afvalproducten van de stofwisseling zich in het lichaam ophopen, ontstaan vermoeidheid, verlies van eetlust, misselijkheid en jeuk (pruritus) en neemt het concentratievermogen af. Een patiënt met acute nierinsufficiëntie kan een snelle hartslag (tachycardie) krijgen en licht in het hoofd worden.

Als de oorzaak een obstructie (afsluiting) is, ontstaat stuwing van urine in de nieren, waardoor het afvoersysteem wordt uitgerekt (hydronefrose). Bij een urinewegobstructie kan krampende pijn ontstaan, uiteenlopend van licht tot ondraaglijk, die meestal in de lendenen zit (flankpijn). Sommige patiënten met hydronefrose hebben bloed in de urine. Als de obstructie voorbij de blaas zit, zet de blaas uit. Bij snelle uitzetting van de blaas ontstaat vaak hevige pijn. Als de blaas langzaam uitzet, kan de pijn gering zijn. Als de blaas sterk is uitgerekt, kan de onderbuik echter wel opzetten.

Als acute nierinsufficiëntie tijdens een ziekenhuisopname ontstaat, heeft dit vaak te maken met een operatie, geneesmiddelen of een infectieziekte. De symptomen van de achterliggende oorzaak van de acute nierinsufficiëntie kunnen overheersen. Er kunnen bijvoorbeeld duidelijkere en urgentere symptomen als hoge koorts, een levensbedreigende lage bloeddruk (shock) en symptomen van hartfalen of leverinsufficiëntie ontstaan voordat zich symptomen van nierinsufficiëntie openbaren.

Sommige aandoeningen die acute nierinsufficiëntie veroorzaken, tasten ook andere delen van het lichaam aan. Bijvoorbeeld bij de ziekte van Wegener (zie Vasculaire bindweefselaandoeningen: Granulomatose van Wegener) waarbij de bloedvaten in de nieren beschadigd raken, kunnen ook de bloedvaten in de longen worden aangetast waardoor de patiënt bloed ophoest. Huiduitslag is een kenmerkend verschijnsel bij sommige oorzaken van acute nierinsufficiëntie, waaronder systemische lupus erythematodes en enkele geneesmiddelen.

illustrative-material.table-short 1

VOORNAAMSTE OORZAKEN VAN ACUTE NIERINSUFFICIËNTIE

oorzaak

achterliggend probleem

onvoldoende bloedtoevoer naar de nieren

onvoldoende bloed door bloedverlies, te groot verlies van natrium en water, lichamelijk letsel waardoor de bloedtoevoer geblokkeerd is

hart pompt niet krachtig genoeg (hartfalen)

uitzonderlijk lage bloeddruk (shock)

leverinsufficiëntie (hepatorenaal syndroom)

afvloedbelemmering van urine

vergrote prostaat

tumor die op de urinewegen drukt of in de urinewegen ingroeit

stenen

beschadiging in de nieren

allergische reacties (bijvoorbeeld op de contrastmiddelen die bij röntgenonderzoek worden gebruikt)

giftige stoffen (drugs, geneesmiddelen, vergiften)

aandoeningen die de functionele eenheden (nefronen) van de nier aantasten (acute glomerulonefritis of vaatletsel, zoals ontstaat bij het hemolytisch-uremisch syndroom, systemische lupus erythematodes, athero-embolische nierziekte, Wegener-granulomatose en polyarteriitis nodosa)

afsluiting van de slagaders of aders in de nieren

obstructie in de nieren (bijvoorbeeld oxalaat- of urinezuurkristallen)

een operatie waarbij de nieren beschadigd kunnen raken

beschadiging van de nier zelf, zoals bij een buikwond

Diagnostisch onderzoek

Bloedonderzoek naar de creatinine- en ureumspiegels van het bloed is nodig om de diagnose te bevestigen. Als de creatininespiegel elke dag stijgt, wijst dat op acute nierinsufficiëntie. De creatininespiegel geeft tevens de beste indicatie over de ernst van de nierinsufficiëntie: hoe hoger de spiegels, des te ernstiger de nierinsufficiëntie. Met ander bloedonderzoek is de verstoorde stofwisselingsbalans aan te tonen die ontstaat als de nierinsufficiëntie langer duurt. Voorbeelden hiervan zijn een hoge zuurgraad (acidose), een hoge kaliumspiegel (hyperkaliëmie), een lage natriumspiegel (hyponatriëmie) en een hoge fosfaatconcentratie (hyperfosfatemie).

Ook met lichamelijk onderzoek probeert de arts de oorzaak van de acute nierinsufficiëntie vast te stellen. Drukgevoelige nieren of een vergrote blaas zijn aanwijzingen voor nierbekkenontsteking of obstructie. Urineonderzoek, zoals beoordeling van het urinesediment en bepaling van de natriumconcentratie, kan aanwijzingen opleveren voor een bepaalde categorie oorzaken van nierinsufficiëntie.

Beeldvormend onderzoek van de nieren met echografie of computertomografie (CT-scan) is zinvol, soms slechts door basale informatie als de grootte van de nieren te verschaffen. Echografie kan bijvoorbeeld worden gebruikt om hydronefrose of een uitgezette blaas vast te stellen. Wanneer de oorzaak vermoedelijk een bloedvatafsluiting is, kunnen magnetische kernspinresonantie (een MRI-scan) of röntgenfoto's van de nierslagaders (angiografie) worden gemaakt. Als met deze onderzoeken de oorzaak van de nierinsufficiëntie niet kan worden vastgesteld, kan een biopsie nodig zijn om de diagnose te stellen en de prognose te bepalen.

Prognose en behandeling

Acute nierinsufficiëntie en de onmiddellijke complicaties, zoals vochtretentie, een hoge zuurgraad en verhoogde kalium- en ureumspiegels, kunnen door behandeling van de oorzaak vaak goed herstellen. Het totale overlevingspercentage bedraagt ongeveer 60%. Het overlevingspercentage is minder dan 50% bij patiënten bij wie meerdere organen tegelijkertijd slecht functioneren. Bij patiënten met nierinsufficiëntie als gevolg van vochtverlies door een bloeding, braken of diarree, aandoeningen die goed te behandelen zijn, is het overlevingspercentage ongeveer 90%.

Behandelbare oorzaken van nierinsufficiëntie worden zo snel mogelijk aangepakt. Als de oorzaak bijvoorbeeld een obstructie is, kan het plaatsen van een katheter of een operatie nodig zijn om de obstructie op te heffen.

Vaak is ondersteunende zorg, zoals toediening van vocht, (natrium)zout en kalium, voldoende voor spontaan herstel van de nieren, vooral als de nierinsufficiëntie nog maar kort bestaat en niet door andere problemen, zoals een infectie, wordt gecompliceerd,

De inname van stoffen die via de nieren worden uitgescheiden wordt streng beperkt. De dosering van geneesmiddelen als digoxine Handelsnaam
Lanoxin
en antibiotica moet vaak worden aangepast. De vochtinname wordt beperkt tot de hoeveelheid die nodig is om de verloren hoeveelheid lichaamsvocht aan te vullen, behalve als de patiënt uitgedroogd is. Het gewicht van de patiënt wordt dagelijks gemeten om de vochtinname te controleren. Er wordt namelijk niet altijd zorgvuldig bijgehouden hoeveel de patiënt drinkt. Als de patiënt van de ene op de andere dag zwaarder wordt, duidt dat erop dat hij te veel vocht krijgt.

Soms wordt oraal of rectaal natriumpolystyreensulfonaat (resonium) toegediend om een hoge kaliumconcentratie in het bloed te behandelen. Er kunnen calciumzouten ( calciumcarbonaat Handelsnaam
Calci chew
Cacit
of calciumacetaat) worden toegediend om een hoge fosfaatconcentratie in het bloed te voorkomen of te behandelen.

Als de acute nierinsufficiëntie langer ernstig is of blijft bestaan, kan het nodig zijn afvalstoffen en een teveel aan water te verwijderen door middel van dialyse, meestal hemodialyse (zie Nierinsufficiëntie: Vormen van dialyse). In dat geval moet soms snel met dialyse worden gestart. Dialyse is soms slechts tijdelijk nodig totdat de nierfunctie zich heeft hersteld, wat meestal binnen enkele dagen tot enkele weken het geval is. Als de schade aan de nieren zo ernstig is dat herstel niet meer mogelijk is, gaat de acute nierinsufficiëntie over in chronische nierinsufficiëntie en is blijvende dialyse mogelijk nodig.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Introductie

Volgende: Chronische nierinsufficiëntie

Illustraties
Tabellen
Disclaimer