MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Nefritisch syndroom

Het nefritisch syndroom is een aandoening van de glomeruli met als kenmerken nierfunctieverlies, weefselzwelling (oedeem), hoge bloeddruk en rode bloedcellen in de urine.

Het nefritisch syndroom kan plotseling of in korte tijd ontstaan (acute glomerulonefritis) of zich langzaam ontwikkelen en verergeren.

Oorzaken

Een acute glomerulonefritis kan het gevolg zijn van een infectie met streptokokken, een bepaalde bacterie. Acute glomerulonefritis ontstaat gewoonlijk enkele weken na een keel- of een huidinfectie, vooral bij kinderen. Ook na infecties met andere bacteriën (zoals Stafylokokken en pneumokokken), virusinfecties (zoals de ziekte van Pfeiffer) en parasitaire infecties (zoals malaria) kan het nefritisch syndroom ontstaan. Membranoproliferatieve glomerulonefritis, IgA-nefropathie, Henoch-Schönlein-purpura, systemische lupus erythematodes, cryoglobulinemie, het syndroom van Goodpasture en de ziekte van Wegener zijn allemaal niet-infectieuze oorzaken van een acute glomerulonefritis.

Nierfunctie en urineproductie kunnen bij deze aandoeningen in korte tijd achteruitgaan. IgA-nefropathie kent eerder een chronisch beloop, waarbij de nierfunctie langzaam afneemt.

Symptomen

Ongeveer de helft van de patiënten met een acute glomerulonefritis vertoont geen symptomen. Als er wel symptomen optreden, zijn dat als eerste weefselzwelling (oedeem), geringe urineproductie en donkere urine met bloed. Bij oedeemvorming kunnen eerst het gezicht en de oogleden pafferig worden, maar het oedeem is later vooral duidelijk aan de benen te zien. De bloeddruk stijgt als de nierfunctie verstoord raakt. Door hoge bloeddruk en oedeem van de hersenen kunnen hoofdpijn, gezichtsstoornissen en ernstiger hersenfunctiestoornissen ontstaan. Bij ouderen komen aspecifieke symptomen zoals misselijkheid en een algemeen gevoel van ziekte (malaise) vaak voor.

Wanneer de glomerulonefritis het gevolg is van een systeemziekte, zoals de ziekte van Wegener, zijn zwakte, vermoeidheid en koorts de opvallendste eerste symptomen. Ook komen verlies van eetlust, misselijkheid, braken, buikpijn en gewrichtspijn vaak voor. Ongeveer 50% van de patiënten vertoont griepverschijnselen in de maand voordat de nierinsufficiëntie ontstond. Deze patiënten hebben oedeem en produceren meestal zeer weinig urine. Hoge bloeddruk komt weinig voor en is zelden ernstig wanneer het wel ontstaat.

Omdat een chronische glomerulonefritis jarenlang meestal alleen zeer lichte of onopvallende symptomen veroorzaakt, wordt het bij de meeste patiënten niet ontdekt. Soms houdt de patiënt vocht vast (oedeem). Hoge bloeddruk komt veel voor. De aandoening kan zich tot nierinsufficiëntie ontwikkelen, waarbij jeuk, vermoeidheid, verminderde eetlust, misselijkheid, braken en kortademigheid kunnen ontstaan.

Diagnostisch onderzoek

Er wordt onderzoek naar een acute glomerulonefritis gedaan bij patiënten bij wie symptomen van deze ziekte ontstaan na een keelinfectie met streptokokken of een andere infectie en bij wie de uitslagen van het laboratoriumonderzoek op een nierfunctiestoornis wijzen. Het laboratoriumonderzoek toont hoge concentraties ureum en creatinine (afvalproducten van de stofwisseling) in het bloed en wisselende hoeveelheden eiwitten en rode bloedcellen in de urine.

De rode bloedcellen hebben een onregelmatige vorm en kunnen verpakt zitten in cilinders. Daarnaast laat bloedonderzoek bloedarmoede en soms een abnormaal hoog aantal witte bloedcellen zien. Wanneer aan het nefritisch syndroom wordt gedacht, wordt meestal een biopsie uitgevoerd om de diagnose te bevestigen, om te proberen de oorzaak vast te stellen, om na te gaan hoeveel littekenweefsel is gevormd en om te bepalen in hoeverre genezing mogelijk is.

Aanvullend onderzoek kan helpen om de oorzaak van een glomerulonefritis vast te stellen. Met een kweek van wat keelslijm kan bijvoorbeeld een streptokokkeninfectie worden aangetoond. De concentratie antilichamen tegen streptokokken in het bloed kan hoger zijn dan normaal of in de loop van enkele weken stijgen. Een acute glomerulonefritis na een infectie door andere organismen dan streptokokken is meestal eenvoudiger vast te stellen omdat er al vaak symptomen ontstaan terwijl de infectie nog duidelijk aanwezig is. Soms moet de diagnose worden ondersteund door de aanwezigheid van antistoffen te bepalen.

Een chronische glomerulonefritis ontwikkelt zich geleidelijk, waardoor vaak niet te zeggen is wanneer het precies is ontstaan. Dit syndroom kan worden ontdekt wanneer als onderdeel van routineonderzoek bloedarmoede wordt gevonden of urine wordt onderzocht en daarbij eiwitten en bloedcellen in de urine worden gevonden bij iemand die zich goed voelt, een normale nierfunctie heeft en geen symptomen vertoont. Een nierbiopsie is de betrouwbaarste methode om de diagnose te stellen. Er wordt echter zelden een biopsie gedaan wanneer het syndroom in een vergevorderd stadium is. De nieren zijn dan verschrompeld en hebben veel littekenweefsel, waardoor de kans klein is dat de ziekte nog behandelbaar is.

Prognose

De prognose bij een acute glomerulonefritis is afhankelijk van de ernst van de littekenvorming in de glomeruli en of de achterliggende oorzaak, zoals een infectie, kan worden genezen. Bij de patiënten die snel (binnen enkele weken tot een paar maanden) worden behandeld, kan de nierfunctie behouden blijven en is dialyse niet nodig. Omdat de eerste symptomen onopvallend en vaag kunnen zijn, zijn echter veel patiënten met een acute glomerulonefritis zich niet bewust van de achterliggende aandoening, waardoor de nierinsufficiëntie pas laat wordt ontdekt en dialyse nodig is.

Bij sommige kinderen en volwassenen die niet geheel van een acute glomerulonefritis herstellen, blijft chronische nierinsufficiëntie met glomerulaire proteïnurie en hematurie bestaan.

Behandeling

De behandeling van een acute glomerulonefritis hangt af van de oorzaak. Wanneer een streptokokkeninfectie de vermoedelijke oorzaak is, hebben antibiotica meestal geen effect omdat nefritis 1 tot 6 weken (gemiddeld 2 weken) na de infectie ontstaat. Als er echter nog wel sprake is van een streptokokkeninfectie wanneer de acute glomerulonefritis wordt ontdekt, zullen antibiotica worden toegediend.

Bij een aantal oorzaken van een progressieve glomerulonefritis wordt snel begonnen met geneesmiddelen die het immuunsysteem onderdrukken (immunosuppressiva). Meestal worden gedurende ongeveer drie dagen hoge doses corticosteroïden intraveneus toegediend, gevolgd door een periode met variabele lengte waarin deze middelen oraal worden gebruikt. Ook kan cyclofosfamide Handelsnaam
Endoxan
Cycloblastine
, een immunosuppressivum, worden gegeven. Verder wordt soms plasmaferese toegepast om antilichamen uit het bloed te verwijderen. Als de behandeling niet onmiddellijk wordt gestart, neemt de kans op nierinsufficiëntie en de noodzaak van dialyse toe. Het kan noodzakelijk zijn een eiwit- en natriumarm dieet te volgen totdat de nierfunctie zich heeft hersteld. Vochtafdrijvende middelen (diuretica) kunnen worden voorgeschreven om de nieren te stimuleren bij de uitscheiding van overtollig natrium en water. Ook hoge bloeddruk moet worden behandeld.

Toediening van geneesmiddelen tegen hoge bloeddruk en vermindering van het natriumgebruik worden als de meest zinvolle maatregelen beschouwd. Beperking van de hoeveelheid eiwit in de voeding en stoppen met roken helpt het tempo waarin de nieren verslechteren te vertragen. Nierfalen moet met dialyse of niertransplantatie worden behandeld. Angiotensine-converterend-enzymremmers (ACE-remmers) en angiotensinereceptorblokkers verlagen de bloeddruk en verminderen het eiwitverlies.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Asymptomatische glomerulaire proteïnurie en hematurie

Volgende: Nefrotisch syndroom

Illustraties
Tabellen
Disclaimer