MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ
In dit onderwerp
Introductie
Naar boven

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

Bacteriën zijn eencellige micro-organismen. Er bestaan duizenden verschillende soorten bacteriën. Sommige leven in de omgeving van de mens, andere leven op de huid, in de luchtwegen, in de mond, in het spijsverteringskanaal, in de urinewegen en in de geslachtsorganen van mensen en dieren. Slechts enkele soorten bacteriën veroorzaken ziekte.

Bacteriën kunnen op verschillende manieren worden ingedeeld. Eén manier is aan de hand van hun vorm. Ronde bacteriën worden ‘kokken' genoemd, staafvormige bacteriën zijn ‘bacillen' en spiraal- of schroefvormige bacteriën zijn ‘spirocheten'.

Een andere manier waarop bacteriën worden geclassificeerd, is door hun kleur nadat een bepaalde chemische kleuring (gramkleuring) is uitgevoerd. Sommige bacteriën zijn na kleuring van het microscopisch preparaat blauw. Deze worden ‘grampositief' genoemd. Andere bacteriën kleuren roze en worden ‘gramnegatief' genoemd. Grampositieve en gramnegatieve bacteriën verschillen in de soort infecties die ze veroorzaken en in de soorten antibiotica waarmee ze kunnen worden bestreden.

Gramnegatieve bacteriën hebben een kenmerkende buitenmembraan waardoor veel geneesmiddelen niet in de bacterie kunnen doordringen. Hierdoor zijn gramnegatieve bacteriën in het algemeen minder gevoelig voor antibiotica dan grampositieve bacteriën. De buitenmembraan van gramnegatieve bacteriën is ook rijk aan moleculen, zogenaamde ‘lipopolysachariden'. Als gramnegatieve bacteriën in de bloedbaan terechtkomen, kunnen hun lipopolysachariden hoge koorts en een levensbedreigende daling van de bloeddruk teweegbrengen. (zie Bacteriëmie, sepsis en septische shock: Introductie)

Daarom worden bacteriële lipopolysachariden als toxisch (ofwel als endotoxinen) beschouwd.

illustrative-material.figure-short 1

Vormen van bacteriën

Vormen van bacteriën

Gramnegatieve bacteriën hebben het vermogen erfelijk materiaal (DNA) uit te wisselen met andere stammen van dezelfde soort en zelfs met verschillende soorten. Dit betekent dat als een gramnegatieve bacterie een erfelijke verandering (mutatie) ondergaat die ongevoeligheid voor een antibioticum tot gevolg heeft en vervolgens DNA uitwisselt met een andere bacteriestam, deze tweede (ontvangende) stam ook ongevoelig wordt.

Grampositieve bacteriën ontwikkelen meestal langzaam ongevoeligheid voor antibiotica. Sommige grampositieve bacteriën (zoals Bacillus anthracis en Clostridium botulinum) produceren sterke gifstoffen (toxinen) die ernstige ziekte veroorzaken.

Een derde manier om bacteriën in te delen is aan de hand van hun zuurstofgebruik. De meeste bacteriën kunnen bij aanwezigheid van zuurstof leven en vermeerderen. Deze bacteriën worden ‘aëroben' genoemd. Bacteriën die slechts weinig of geen zuurstof kunnen verdragen, worden ‘anaëroben' genoemd. Anaërobe bacteriën gedijen in delen van het lichaam waar weinig zuurstof is, zoals de darmen, afstervend weefsel en zeer diepe, vuile wonden.

Onder normale omstandigheden leven er honderden soorten anaëroben op de huid en slijmvliezen van de mond, darmen en vagina zonder schade te veroorzaken. Een kubieke centimeter ontlasting kan miljarden bacteriën bevatten. De meeste anaërobe infecties worden door bacteriën uit het eigen lichaam veroorzaakt.

Anaëroben plegen de huid en het spierweefsel binnen te dringen na beschadiging door letsel of een operatie, vooral als het weefsel een slechte bloedtoevoer heeft. Soms ontwikkelen zich spontaan infecties bij mensen met een bepaalde vorm van kanker of een verminderde afweer. Ook komen anaërobe infecties vaak in de mond voor. Anaëroben veroorzaken soms chronische (maar niet acute) infecties van de neusbijholten en het middenoor. Bij anaërobe infecties ontstaan vaak ophopingen van pus (abcessen). Bij ernstige anaërobe infecties komt vaak gas vrij in het omliggende weefsel.

Ziekteverwekkende anaëroben zijn onder andere clostridiumbacteriën (die in het maag-darmkanaal van mensen en dieren voorkomen, maar ook in stof, aarde en rottende planten) en peptokokken en peptostreptokokken, die deel uitmaken van de normale bacteriële populatie (flora) van de mond, de bovenste luchtwegen en de dikke darm. Andere anaëroben zijn onder meer Bacteroides, die tot de normale flora van de dikke darm behoort en Actinomyces, Prevotella en Fusobacterium, die onderdeel zijn van de normale mondflora.

illustrative-material.sidebar 1

Wat zijn clostridiumbacteriën?

Clostridiumbacteriën zijn toxineproducerende anaërobe bacterieen die een aantal ernstige ziekten veroorzaken, waaronder tetanus, botulisme en weefselinfecties.

Deze bacteriën komen normaal voor in het maag-darmkanaal bij de mens, in aarde en in rottende vegetatie. Alle clostridiumsoorten produceren toxinen. Sommige ziekten die door Clostridia worden veroorzaakt, zoals botulisme en de verschillende ziekten die gepaard gaan met diarree, worden uitsluitend veroorzaakt door het toxine zonder enige bacteriële invasie van weefsel. Bij andere door Clostridia veroorzaakte ziekten, zoals tetanus en wondinfecties, is er sprake van zowel weefselinvasie als toxineproductie.

De meest voorkomende aandoeningen die uitsluitend door clostridiumtoxine worden veroorzaakt, zijn kortdurende en relatief lichte voedselvergiftigingen door de bacterie Clostridium perfringens. Soms is voedselvergiftiging door Clostridia ernstiger en leidt deze tot necrotiserende enteritis, een ontsteking die de darmwand vernietigt en gepaard gaat met ernstige, bloederige diarree. Deze infectie kan als een op zichzelf staand geval voorkomen of als een uitbraak op grotere schaal door het eten van besmet vlees. Bij mensen die lange tijd antibiotica hebben gebruikt, kan colitis ontstaan door overgroei van toxineproducerende Clostridium difficile. (zie Colitis pseudomembranacea: Introductie)

Botulisme, een ziekte die spierverlamming veroorzaakt ensoms de dood tot gevolg heeft, treedt op door het eten van voedsel dat is besmet met een toxine dat door Clostridium botulinum(zie Aandoeningen van de perifere zenuwen: Botulisme)wordt geproduceerd.

Clostridia, vooral Clostridium perfringens, infecteren ook wonden. Wondinfecties door Clostridia, waaronder huidgangreen, spiergangreen (myonecrose door Clostridia) en tetanus zijn relatief zeldzaam, maar kunnen dodelijk zijn. Deze infecties komen vaker voor in besmette wonden, diepe steekwonden en wonden waarbij veel weefsel is vernietigd (oorlogswonden). Gebruikers van intraveneuze drugs zijn gevoeliger. Het overlijdensrisico is hoog, vooral bij ouderen en bij kankerpatiënten.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Volgende: Actinomycose

Illustraties
Tabellen
Disclaimer