MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

Tuberculose is een besmettelijke infectie die zich via opgehoeste minuscule druppeltjes door de lucht verspreidt en door de bacterie Mycobacterium tuberculosis wordt veroorzaakt.

Tuberculose tast meestal de longen aan, maar kan bijna elk orgaan infecteren. Andere mycobacteriën (zoals Mycobacterium bovis en Mycobacterium africanum) veroorzaken af en toe een vergelijkbare ziekte.

Tuberculose is lange tijd een ernstig probleem voor de volksgezondheid geweest. In de negentiende eeuw was de ziekte in Europa verantwoordelijk voor meer dan 30% van alle sterfgevallen. Met de komst van antibiotica tegen tuberculose in de jaren veertig van de twintigste eeuw leek de strijd tegen tuberculose gewonnen. Als gevolg van factoren als tekortschietende voorzieningen voor de volksgezondheid, verminderde afweer door aids, de ontwikkeling van geneesmiddelresistentie en extreme armoede in grote delen van de wereld is tuberculose helaas nog steeds een dodelijke ziekte. Elk jaar zijn er over de gehele wereld meer dan 8 miljoen nieuwe gevallen van symptomatische tuberculose en eist de ziekte 3 miljoen levens. Aangenomen wordt dat eenderde van de wereldbevolking een sluimerende (latente) tuberculose-infectie heeft. Actieve tuberculose ontwikkelt zich echter in niet meer dan ongeveer 5 tot 10% van de gevallen.

In ontwikkelde landen komt tuberculose vaker voor bij ouderen, terwijl het in armere landen een ziekte is van jongvolwassenen. In Nederland kwam tuberculose in 1999 het meest voor in de leeftijdsgroep van 35 tot 44 jaar en bij mensen ouder dan 65 jaar. Ouderen zijn waarschijnlijk op jonge leeftijd geïnfecteerd toen tuberculose vaker voorkwam. Het afweersysteem van het lichaam verzwakt met de leeftijd waardoor bacteriën in rusttoestand opnieuw worden geactiveerd. Gelukkig neemt de incidentie van tuberculose onder ouderen af, omdat elke volgende generatie die ouder wordt, een lager percentage latente infectie kent.

Omdat tuberculose al langer in Europa voorkomt dan elders in de wereld, zijn Europeanen en mensen van Europese afkomst iets minder gevoelig voor de ziekte dan mensen uit delen van de wereld waar tuberculose meer recent werd geïntroduceerd. In Nederland heeft ongeveer 60% van de recente gevallen betrekking op immigranten. Armoede, slechte levensomstandigheden en beperkte toegang tot medische zorg zijn risicofactoren voor de verspreiding van tuberculose. In de grote steden vormen daarom vooral daklozen, (hard)druggebruikers en (illegale) buitenlanders risicogroepen voor tuberculose.

Ontwikkeling van infectie

Bij de meeste infectieziekten (zoals keelontsteking door streptokokken of longontsteking) voelt de patiënt zich kort nadat het micro-organisme het lichaam binnendringt niet goed en is binnen 1 of 2 weken zichtbaar ziek. Tuberculose volgt dit patroon niet.

Stadia van infectie: weinig mensen, behalve zeer jonge kinderen, voelen zich direct na het binnendringen van tuberkelbacteriën in hun lichaam niet in orde (primaire infectie). Veel tuberkelbacteriën die de longen binnendringen, worden onmiddellijk door de afweer van het lichaam vernietigd. De bacteriën die overleven, worden opgenomen in witte bloedcellen die ‘macrofagen' worden genoemd. De opgenomen bacteriën kunnen in deze cellen jarenlang in rusttoestand in leven blijven, ingekapseld in minuscule littekens (latente infectie). In 90 tot 95% van de gevallen veroorzaken de bacteriën nooit problemen, maar bij ongeveer 5 tot 10% van de geïnfecteerde personen vermeerderen ze zich (en leiden ze tot actieve ziekte). In deze actieve fase wordt een geïnfecteerde persoon dan ook echt ziek en kan hij de ziekte verspreiden (als het open tuberculose betreft).

In meer dan de helft van de gevallen treedt activering van bacteriën in rusttoestand op binnen de eerste 2 jaar, maar het kan ook veel langer duren. Het is niet altijd duidelijk waardoor de sluimerende bacteriën actief worden, maar het gebeurt vaak wanneer iemands afweer is verminderd, bijvoorbeeld door een zeer hoge leeftijd, gebruik van corticosteroïden of door aids. Evenals veel andere infectieziekten verspreidt tuberculose zich sneller en is de ziekte veel gevaarlijker bij mensen met een verminderde afweer. Bij deze mensen (onder anderen zeer jonge kinderen, mensen van zeer hoge leeftijd en ook HIV-geïnfecteerden) kan tuberculose levensbedreigend zijn.

Overdracht van infectie: Mycobacterium tuberculosis kan alleen bij mensen overleven en kan niet door dieren, insecten, aarde of andere levenloze objecten worden overgebracht. Men kan alleen door iemand bij wie de ziekte actief is met open longtuberculose worden geïnfecteerd. De ziekte wordt niet verspreid door iemand met alleen een tuberculose-infectie, met de ziekte op een andere plaats in het lichaam of door aanraking van iemand met de ziekte. De bacteriën verspreiden zich namelijk alleen door de lucht. Mycobacterium bovis, een bacterie die in dieren kan leven, vormt hierop een uitzondering. In ontwikkelingslanden raken kinderen met deze bacterie geïnfecteerd door het drinken van ongepasteuriseerde melk van geïnfecteerd vee.

Mensen met actieve tuberculose in de longen verspreiden de bacteriën door de lucht bij hoesten, niezen en zelfs bij spreken. Deze bacteriën kunnen verschillende uren in de lucht aanwezig blijven. Als iemand anders ze inademt, kan deze persoon worden geïnfecteerd. Mensen bij wie de ziekte latent aanwezig is of die tuberculose hebben op andere plaatsen dan in de longen, verspreiden geen bacteriën in de lucht en kunnen de infectie niet overbrengen.

Progressie en verspreiding van de infectie: de progressie van tuberculose van sluimerende infectie naar actieve ziekte varieert sterk. Verminderde afweer speelt hierbij een rol. Progressie tot actieve ziekte is veel waarschijnlijker en treedt veel sneller op bij mensen met aids. Iemand met aids die met Mycobacterium tuberculosis wordt besmet, heeft 50% kans binnen 2 maanden actieve tuberculose te ontwikkelen en daarna elk jaar een risico van 5 tot 10% van actieve tuberculose.

Bij mensen met een volledig functionerend afweersysteem blijft actieve tuberculose meestal beperkt tot de longen (longtuberculose). Tuberculose die andere delen van het lichaam aantast (extrapulmonale tuberculose), ontstaat uit longtuberculose die zich door het bloed heeft verspreid. Net als in de longen hoeft de infectie geen ziekte te veroorzaken, maar de bacteriën kunnen in rusttoestand in een zeer klein litteken aanwezig blijven. Sluimerende micro-organismen in deze littekens kunnen later opnieuw actief worden en symptomen in de betreffende organen veroorzaken. Bij zwangere vrouwen kunnen de tuberkelbacteriën zich naar de foetus verspreiden en ziekte veroorzaken. Deze vorm, congenitale tuberculose, komt echter niet vaak voor.

Symptomen en complicaties

Hoesten is het meest voorkomende symptoom van tuberculose. Omdat de ziekte langzaam begint, kan een geïnfecteerde persoon het hoesten eerst wijten aan roken, een onlangs doorgemaakte griep of astma. Bij het hoesten kan 's ochtends een kleine hoeveelheid groen of geel sputum worden opgehoest. Uiteindelijk kan het sputum bloed bevatten, hoewel grote hoeveelheden bloed zeldzaam zijn.

Een ander symptoom is dat de patiënt 's nachts badend in het zweet wakker wordt. Soms is de transpiratie zo hevig dat de nachtkleding of zelfs het beddengoed moet worden vervangen. Dit nachtzweten is echter niet specifiek voor tuberculose. Naast hoesten en nachtzweten voelt de patiënt zich in het algemeen niet in orde, heeft weinig energie en een slechte eetlust. Vaak treedt, nadat de ziekte al enige tijd bestaat, gewichtsverlies op.

Snel opkomende kortademigheid samen met pijn op de borst kan wijzen op de aanwezigheid van lucht (pneumothorax (zie Aandoeningen van de longvliezen: Pneumothorax)) of vocht (pleura-effusie) in de ruimte tussen de longen en de borstwand. (zie Aandoeningen van de longvliezen: Pleura-effusie)

Pleura-effusie komt in West-Europa bij adolescenten zelden voor. Bij veel patiënten met onbehandelde tuberculose ontstaat uiteindelijk kortademigheid naarmate de infectie zich in de longen verspreidt.

Bij een nieuwe tuberculose-infectie verspreiden de bacteriën zich van de longen naar de lymfeklieren rondom de longen. Als de natuurlijke afweer van het lichaam de infectie kan onderdrukken, ontwikkelt deze zich niet verder en komen de bacteriën in een rusttoestand (dormant). Zeer jonge kinderen hebben echter een verminderde afweer en de lymfeklieren kunnen zo groot worden dat ze de luchtwegen samendrukken, wat een schelle hoest en mogelijk een ingeklapte long (longcollaps) veroorzaakt. Soms verspreiden bacteriën zich via de lymfevaten naar de lymfeklieren in de hals. Een infectie in deze lymfeklieren kan door de huid heen breken, waardoor pus wegvloeit.

De nieren en lymfeklieren zijn waarschijnlijk de meest voorkomende plaatsen waar tuberculose zich buiten de longen ontwikkelt (extrapulmonale tuberculose). Ook kunnen de botten, de hersenen, de buikholte, het hartzakje (pericard), de gewrichten (vooral gewichtdragende gewrichten als heupen en knieën) en de voortplantingsorganen worden aangetast. Bij tuberculose in deze gebieden is de diagnose soms moeilijk te stellen.

De symptomen van extrapulmonale tuberculose zijn vaag. Meestal is er sprake van vermoeidheid, slechte eetlust, met tussenpozen optredende koorts, transpiratie en mogelijk gewichtsverlies. Soms veroorzaakt de infectie pijn of ongemak, afhankelijk van het deel van het lichaam dat is aangetast.

Tuberculose waarbij de hersenvliezen geïnfecteerd raken (tuberculeuze meningitis), is levensbedreigend. In ontwikkelde landen is tuberculeuze meningitis uiterst zeldzaam. In ontwikkelingslanden komt tuberculeuze meningitis het meest voor bij kinderen in de leeftijd tot 5 jaar. De symptomen zijn onder andere koorts, aanhoudende hoofdpijn, nekstijfheid, misselijkheid en sufheid die tot coma kan leiden. Tuberculose kan ook de hersenen zelf infecteren, waarbij een geïnfecteerde massa (tuberculoom) ontstaat. Dit tuberculoom kan symptomen als hoofdpijn, epileptische aanvallen of spierzwakte veroorzaken.

Tuberculeuze pericarditis is tuberculose die het hartzakje (pericard) aantast. Door deze infectie wordt het hartzakje dikker en soms lekt er vocht in de ruimte tussen het hartzakje en het hart. Dit vocht beperkt weer het pompvermogen van het hart en veroorzaakt zo gezwollen halsaders en een moeizame ademhaling.

Darmtuberculose komt vooral voor in ontwikkelingslanden. Deze infectie veroorzaakt soms helemaal geen symptomen, maar kan wel leiden tot afwijkende weefselgroei in het geïnfecteerde deel van de darm, wat kan worden verward met kanker.

illustrative-material.sidebar 1

Ziekten die op tuberculose lijken

Er bestaan veel typen mycobacteriën die infecties kunnen veroorzaken met symptomen die lijken op die van tuberculose.

De meest voorkomende behoren tot een groep die bekend staat als het Mycobacterium avium-complex (MAC). Hoewel deze mycobacteriën algemeen voorkomen, veroorzaken ze doorgaans alleen infectie bij mensen met een verminderde afweer of met longen die beschadigd zijn door langdurig roken, een vroegere tuberculose-infectie, bronchitis, emfyseem of andere ziekten. Evenals bij tuberculose tast een MAC-infectie in de eerste plaats de longen aan, maar ook de lymfeklieren, botten, huid en andere weefsels kunnen worden aangetast. Anders dan bij tuberculose kan een MAC-infectie niet van de ene persoon op de andere worden overgedragen.

De infectie ontwikkelt zich meestal langzaam. De eerste symptomen zijn onder andere hoesten en opgeven van slijm. Bij voortschrijding van de infectie kan de patiënt regelmatigbloed opgeven en ademhalingsmoeilijkheden hebben. Op een thoraxfoto kan een infectie wel of niet zichtbaar zijn. Laboratoriumonderzoek van sputum van een geïnfecteerde persoon is nodig om de infectie van tuberculose te onderscheiden.

Bij aidspatiënten of patiënten met andere ziekten die het afweersysteem verzwakken, kan een MAC-infectie zich door het gehele lichaam verspreiden. De symptomen zijn onder meer koorts, bloedarmoede (anemie), bloedafwijkingen, diarree en maagpijn.

MAC-infectie van de lymfeklieren kan optreden bij kinderen, doorgaans bij kinderen van 1 tot 5 jaar oud. De infectie wordt meestal veroorzaakt doordat een kind aarde of water heeft binnengekregen dat met de mycobacteriën besmet is. De infectie wordt meestal niet door antibiotica genezen, maar de geïnfecteerde lymfeklieren kunnen operatief worden verwijderd.

MAC-infecties waren tot voor kort zeer moeilijk te behandelen, doordat de bacteriën resistent waren voor de meeste antibiotica die effectief zijn tegen tuberculose. Nieuwere antibiotica, zoals claritromycine Handelsnaam
Klacid
en azitromycine Handelsnaam
Zithromax
, die niet werken bij tuberculose, zijn effectief gebleken tegen MAC wanneer ze in combinatie met ethambutol Handelsnaam
Myambutol
en rifabutine Handelsnaam
Mycobutin
worden gebruikt.

Andere mycobacteriën groeien in zwembaden en zelfs in aquaria binnenshuis en kunnen huidaandoeningen veroorzaken. Deze infecties kunnen zonder behandeling genezen. Bij patiënten met chronische infecties is echter gedurende 3 tot 6 maanden vaak behandeling met tetracycline Handelsnaam
Tetracycline
, claritromycine Handelsnaam
Klacid
of een ander antibioticum nodig. Een ander type mycobacterie, Mycobacterium fortuitum, kan wonden en prothesen infecteren, zoals een mechanische hartklep of een borstprothese. Met antibiotica en door operatieve verwijdering van de geïnfecteerde gebieden geneest de infectie meestal.

Diagnose

Soms is de eerste aanwijzing van tuberculose een afwijkende thoraxfoto of een positieve tuberculinehuidtest, ook bekend als een mantouxtest of PPD (purified protein derivative), omdat deze onderzoeken vaak als routinematige screeningsonderzoeken worden uitgevoerd. Wanneer iemand symptomen heeft die op tuberculose wijzen, wordt een thoraxfoto gemaakt, een tuberculinehuidtest uitgevoerd en sputum naar het laboratorium gestuurd. Het sputum wordt onder een microscoop onderzocht op tuberkelbacteriën en gebruikt om de bacteriën te kweken. Microscopisch onderzoek is veel sneller dan een kweek, maar minder nauwkeurig. Omdat tuberkelbacteriën langzaam groeien, duurt het weken voordat de resultaten van een kweek bekend worden. Een iets duurdere, maar snelle en nauwkeurige methode is onderzoek door middel van PCR (polymerasekettingreactie).

De bevindingen op een thoraxfoto bij tuberculose lijken vaak op die bij andere ziekten. De diagnose wordt daarom gesteld op basis van de tuberculinehuidtest en sputumonderzoek op Mycobacterium tuberculosis. Hoewel een tuberculinehuidtest een van de bruikbaarste onderzoeken is om tuberculose te diagnosticeren, geeft deze test alleen aan dat er ooit een infectie met de bacteriën is geweest. Met het onderzoek wordt niet duidelijk of de infectie op dat moment actief is. Fout-positieve resultaten kunnen optreden door een infectie met een van de nauw aan elkaar verwante, in het algemeen onschadelijke, familieleden van tuberkelbacteriën (zie Tuberculose:IntroductieKader) of door recente vaccinatie tegen tuberculose.

Een sputummonster biedt meestal voldoende informatie over de toestand van de longen, maar soms kan een arts met een kijkinstrument (bronchoscoop) de luchtpijp en longen inspecteren en wat slijm of longweefsel wegnemen voor onderzoek. Deze procedure wordt meestal uitgevoerd wanneer andere ziekten, zoals longkanker, worden vermoed.

Wanneer de symptomen wijzen op de mogelijkheid van tuberculeuze meningitis, kan het nodig zijn een ruggenmergpunctie uit te voeren om wat hersenvocht voor onderzoek te verkrijgen. Omdat tuberkelbacteriën moeilijk in hersenvocht te vinden zijn en het meestal weken duurt om ze te kweken, wordt het monster vaak onderzocht door middel van een PCR-test (polymerasekettingreactietest), waarmee kleine hoeveelheden van het DNA van de bacteriën kunnen worden aangetoond. Hoewel deze testresultaten snel beschikbaar zijn, wordt meestal alleen al bij verdenking van tuberculeuze meningitis behandeling met antibiotica gestart om overlijden te voorkomen en de kans op hersenbeschadiging te minimaliseren.

illustrative-material.table-short 1

TUBERCULOSE: EEN ZIEKTE VAN VEEL ORGANEN

plaats van infectie

symptomen of complicaties

buikholte

vermoeidheid, zwelling, lichte drukgevoeligheid, pijn die lijkt op die bij blindedarmontsteking

blaas

pijn bij het urineren, bloed in urine

botten (voornamelijk bij kinderen)

zwelling, minimale pijn

hersenen

koorts, hoofdpijn, misselijkheid, sufheid, coma en hersenbeschadiging indien onbehandeld

hartzakje (pericard)

koorts, vergrote halsaders, kortademigheid

gewrichten

artritisachtige symptomen

nieren

nierbeschadiging, infectie rond de nieren

lymfeklieren

pijnloze, rode zwelling, soms wordt pus afgescheiden

voortplantingsorganen

mannen

vrouwen

gezwel in balzak

steriliteit

ruggenmerg

pijn, leidend tot ingezakte wervels en verlamming van de benen

illustrative-material.sidebar 2

De tuberculinehuidtest

Een tuberculinehuidtest wordt meestal op de onderarm uitgevoerd door in de huid een kleine hoeveelheid eiwit afkomstig van tuberkelbacteriën in te spuiten. Ongeveer 2 dagen later wordt de injectieplaats gecontroleerd en opgemeten: zwelling die stevig aanvoelt bij aanraking en groter is dan een bepaalde afmeting wijst op een positief resultaat. Roodheid rond de plek zonder zwelling is niet positief. Sommige mensen die zeer ziek zijn of die een verminderde afweer hebben, reageren niet op de huidtest, zelfs niet als ze met tuberculose zijn geïnfecteerd.

Behandeling

Diverse antibiotica zijn effectief tegen tuberculose (tuberculostatica). Omdat tuberkelbacteriën zeer langzaam groeien, moeten de antibiotica echter gedurende een lange tijd worden ingenomen, meestal 6 maanden of langer. De behandeling moet worden voortgezet tot lang nadat de patiënt zich volledig hersteld voelt, anders komt de ziekte terug wanneer de bacteriën niet allemaal vernietigd zijn.

Veel mensen hebben er moeite mee om zo lang achtereen dagelijks geneesmiddelen in te nemen. Anderen stoppen om verschillende redenen met de behandeling zodra ze zich beter voelen. Vanwege deze problemen wordt vaak door de GGD een intensieve vorm van begeleiding uitgevoerd voor tuberculosepatiënten wat betreft het gebruik van hun geneesmiddelen. Dit wordt Directly Observed Therapy (DOT) genoemd.

Om tuberculose te behandelen worden altijd twee of meer antibiotica met verschillende werkingsmechanismen gegeven, omdat er bij behandeling met slechts één geneesmiddel bacteriën kunnen achterblijven die voor dat geneesmiddel ongevoelig zijn. Bij de meeste andere bacteriën zou dit niet voldoende zijn om opnieuw ziekte te veroorzaken, maar ervaring leert dat mensen die met slechts één tuberculostaticum worden behandeld, tuberculose ontwikkelen die ongevoelig is voor het gegeven middel. Een derde en vierde geneesmiddel wordt meestal gebruikt tijdens de eerste, intensieve behandelingsfase om de duur van de behandeling te bekorten en succes te verzekeren zelfs in het geval dat het al aan het begin om een resistente stam zou gaan.

De meest gebruikte tuberculostatica zijn isoniazide Handelsnaam
Isoniazide
, rifampicine Handelsnaam
Rifadin
Rimactan
, pyrazinamide, streptomycine (in Nederland nog maar zelden gebruikt) en ethambutol Handelsnaam
Myambutol
. Isoniazide Handelsnaam
Isoniazide
veroorzaakt bij 1 op de 10.000 patiënten leverbeschadiging, leidend tot misselijkheid, overgeven en geelzucht. Rifampicine Handelsnaam
Rifadin
Rimactan
kan ook de lever beschadigen, vooral in combinatie met isoniazide Handelsnaam
Isoniazide
. Deze effecten verdwijnen wanneer de patiënt met gebruik van het geneesmiddel stopt. Pyrazinamide veroorzaakt eveneens leverbeschadiging en soms jicht. Streptomycine kan de zenuwen van het binnenoor beschadigen, wat tot duizeligheid en licht gehoorverlies leidt. Ethambutol Handelsnaam
Myambutol
tast soms de oogzenuw aan, resulterend in wazig zien en verminderde kleurwaarneming. Van de patiënten met tuberculose voltooit echter 95% de therapie met succes. Deze patiënten worden met bovengenoemde tuberculostatica genezen en ondervinden geen ernstige bijwerkingen.

Er zijn veel verschillende combinaties en doseringsschema's voor tuberculostatica. Isoniazide Handelsnaam
Isoniazide
, rifampicine Handelsnaam
Rifadin
Rimactan
en pyrazinamide kunnen in dezelfde capsule zitten, waardoor de patiënt per dag minder pillen hoeft in te nemen en het risico van resistentie afneemt.

Indien de patiënt zich goed aan het behandelplan houdt, is een operatie waarbij een deel van de long wordt weggenomen zelden nodig. Een operatie is soms echter nodig bij infecties die niet op behandeling reageren en om opgehoopt pus af te voeren. Wanneer tuberculeuze pericarditis tot aanzienlijke bewegingsbeperking van het hart leidt, kan het nodig zijn het hartzakje operatief te verwijderen. Een tuberculoom in de hersenen moet chirurgisch worden verwijderd.

Preventie

Preventie kent twee aspecten: verspreiding van de ziekte tegengaan en een vroege infectie behandelen voordat de ziekte actief wordt.

Omdat tuberkelbacteriën door de lucht worden verspreid, wordt door goede ventilatie de concentratie van de bacteriën verlaagd en hun verspreiding beperkt. Ook kan een bacteriedodende ultraviolette lamp worden gebruikt om in de lucht aanwezige tuberkelbacteriën te doden op plaatsen waar mensen met een verhoogd risico bijeen zijn, zoals een daklozenopvang, gevangenissen en wachtruimten in ziekenhuizen.

Omdat tuberculose alleen door patiënten met actieve ziekte wordt overgebracht, is vroegtijdige herkenning en behandeling een van de beste manieren om verspreiding te voorkomen. Patiënten met ‘open tuberculose' (hoestende patiënten bij wie het sputum mycobacteriën bevat) dienen in een tissue te hoesten om verspreiding van bacteriën te verminderen en ze moeten in isolatie blijven totdat ze niet meer hoesten. Al na een paar dagen behandeling met de juiste antibiotica is het risico dat een patiënt de ziekte verspreidt aanzienlijk verminderd en meestal hoeft de patiënt niet langer dan een week of twee te worden geïsoleerd. Als iemand echter met mensen met een verhoogd risico werkt, zoals jonge kinderen of aidspatiënten, kan het nodig zijn herhalingsonderzoeken van sputummonsters te laten uitvoeren om te bepalen wanneer het infectiegevaar is verdwenen. Ook moeten patiënten die tijdens de behandeling blijven hoesten, die hun medicatie niet op de juiste manier innemen of die tekenen van resistente tuberculose vertonen, soms langer worden geïsoleerd om te voorkomen dat ze de ziekte verspreiden.

Het tweede aspect van preventie betreft behandeling van mensen met een positieve tuberculinehuidtest die nog niet ziek zijn. Het geneesmiddel isoniazide Handelsnaam
Isoniazide
is zeer effectief wat betreft het stoppen van de infectie voordat de ziekte actief wordt. Het wordt gedurende 6 tot 9 maanden dagelijks gegeven. Bij nieuwere, kortere behandelingen wordt gedurende 2 maanden dagelijks rifampicine Handelsnaam
Rifadin
Rimactan
plus pyrazinamide gegeven of gedurende 4 maanden dagelijks alleen rifampicine Handelsnaam
Rifadin
Rimactan
. Preventieve behandeling is zeker gunstig voor jongere mensen met een positieve tuberculinehuidtest. Waarschijnlijk hebben ook ouderen met een verhoogd risico van tuberculose hier baat bij (bijvoorbeeld ouderen bij wie de tuberculinehuidtest recent een omslag heeft laten zien (van negatief in positief is veranderd), mensen die recent met tuberculose in aanraking zijn geweest of mensen met een verminderde afweer). Het risico van toxiciteit door de antibiotica bij ouderen met langdurige sluimerende (latente) ziekte kan echter groter zijn dan het risico tuberculose te ontwikkelen.

Iemand met een positieve tuberculinehuidtest die geïnfecteerd raakt met HIV, loopt een zeer groot risico actieve infectie te ontwikkelen. Evenzo neemt ook het risico van activering van latente tuberculose sterk toe bij patiënten die corticosteroïden gebruiken. Daarom worden deze personen meestal voor latente tuberculose-infectie behandeld.

In veel ontwikkelingslanden wordt het BCG-vaccin gebruikt om ontwikkeling van ernstige complicaties, zoals meningitis, te voorkomen bij mensen met een verhoogd risico van infectie met Mycobacterium tuberculosis. De waarde van BCG is onderwerp van discussie en het vaccin wordt nog steeds alleen gebruikt in landen waar de kans om tuberculose te krijgen zeer groot is. Er wordt onderzoek gedaan naar ontwikkeling van een effectiever vaccin. Ongeveer 10% van de mensen die bij de geboorte BCG hebben ontvangen, vertoont 15 jaar later een positieve reactie op de tuberculinehuidtest, ook al zijn ze niet met tuberkelbacteriën geïnfecteerd. In de meeste landen is tuberculose gestigmatiseerd en veel mensen weigeren te geloven dat ze zelfs maar latente infectie, laat staan de actieve ziekte, hebben.

illustrative-material.sidebar 3

Wat is miliaire tuberculose?

Een potentieel levensbedreigende vorm van tuberculose kan ontstaan wanneer een groot aantal bacteriën zich via de bloedbaan door het gehele lichaam verspreidt. Deze infectie wordt ‘miliaire tuberculose' genoemd, omdat de miljoenen kleine infectiehaarden zo groot zijn als gierstkorrels (Latijn: milium).

De symptomen van miliaire tuberculose kunnen zeer vaag en moeilijk te identificeren zijn: gewichtsverlies, koorts, rillingen, zwakte, algeheel gevoel van ziekte en ademhalingsproblemen. Aantasting van het beenmerg kan ernstige bloedarmoede en andere bloedafwijkingen veroorzaken, waardoor de ziekte op leukemie lijkt. Bacteriën die met tussenpozen uit een verborgen infectiehaard in de bloedbaan vrijkomen, kunnen koorts veroorzaken die opkomt en weer verdwijnt.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven
Illustraties
Tabellen
Disclaimer