MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ
In dit onderwerp
Introductie
Naar boven

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's, ook wel geslachtsziekten) zijn infecties die door seksueel contact van de ene persoon op de andere worden overgedragen.

Door het intieme contact bij seksuele activiteit verspreiden micro-organismen zich gemakkelijk van de ene persoon naar de andere. Een verscheidenheid aan infectieuze micro-organismen kan door seksueel contact worden overgedragen. Door bacteriën veroorzaakte seksueel overdraagbare aandoeningen zijn onder andere syfilis, gonorroe en Chlamydia-infectie (chlamydiasis), lymphogranuloma venereum, ulcus molle (zachte sjanker), granuloma inguinale en trichomoniasis en schaamluis. Door virussen veroorzaakte soa's zijn onder andere genitale wratten, herpes genitalis (zie Virusinfecties: Infectie met het herpes-simplex-virus), hepatitis-B-infectie, molluscum contagiosum (zie Virale huidinfecties: Molluscum contagiosum) en HIV-infectie. (zie Infectie met het humaan-immunodeficiëntievirus (HIV): Introductie)

In Nederland is de infectie met Chlamydia trachomatisde meest voorkomende met 20 patiënten per 10.000 mensen per jaar. Dit betekent ongeveer 60.000 nieuwe gevallen per jaar. Genitale wratten, herpes genitalis, gonorroe en syfilis komen respectievelijk 6, 5, 3 en 2 patiënten per 10.000 mensen per jaar voor. Het voorkomen van trichomoniasis en schaamluis is lastig te schatten. HIV- en hepatitis-B-infectie hebben een veel lager voorkomen. Lymphogranuloma venereum, ulcus molle (zachte sjanker) en granuloma inguinale komen zelden voor in Nederland. Mollescum contagiosum wordt eigenlijk niet als soa gezien.

Soa's behoren tot de meest voorkomende infectieziekten. Meer dan 22 miljoen mensen over de gehele wereld worden elk jaar met gonorroe besmet.

Hoewel soa's meestal het gevolg zijn van vaginale, orale of anale seks met een geïnfecteerde partner is genitale penetratie niet nodig om een infectie te verspreiden. Sommige ziekten worden ook overgedragen door kussen of door nauw lichamelijk contact. De organismen die verantwoordelijk zijn voor bepaalde soa's (bijvoorbeeld HIV en hepatitisvirussen), kunnen ook niet-seksueel worden overgedragen, zoals van moeder op kind bij de geboorte of door borstvoeding of door blootstelling aan besmet voedsel, water, bloed, medische instrumenten of naalden.

Voor de meeste door bacteriën en parasieten veroorzaakte soa's zijn effectieve geneesmiddelen beschikbaar, hoewel het aantal antibioticaresistente gonokokkenstammen toeneemt. Soa's die door virussen worden veroorzaakt, vooral herpes genitalis en de HIV-infectie, blijven levenslang aanwezig en kunnen wel worden behandeld, maar niet worden genezen.

Soa's worden voorkomen of onder controle gehouden door veilig vrijen en een snelle diagnose en behandeling. Het is van essentieel belang te weten hoe de verspreiding van soa's kan worden voorkomen en in het bijzonder hoe een condoom behoort te worden gebruikt.

Eén strategie die werkers bij de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD of GG&GD) en andere werkers in de gezondheidszorg toepassen om de verspreiding van bepaalde soa's te beperken, is bron- en contactonderzoek (partnerwaarschuwing). Werkers in de gezondheidszorg proberen alle seksuele partners van een besmette persoon op te sporen en te behandelen (indien behandeling beschikbaar is). Na behandeling worden de mensen bij voorkeur opnieuw onderzocht om er zeker van te zijn dat ze zijn genezen. Dat geldt vooral voor gonorroe waarbij men beducht is voor antibioticaresistentie.

illustrative-material.sidebar 1

Aandoeningen die door seksueel contact kunnen worden overgedragen

  • amoebiasis
  • campylobacterinfectie
  • schaamluisinfestatie (pediculosis pubis)
  • cytomegalovirusinfectie
  • giardiasis
  • hepatitis A, B en C
  • salmonellose
  • schurft (scabies)
  • shigellose

illustrative-material.sidebar 2

Correct condoomgebruik

  • Gebruik een nieuw condoom voor elke seksuele gemeenschap.
  • Gebruik de juiste maat condoom.
  • Behandel het condoom zorgvuldig om beschadiging door nagels, tanden of andere scherpe voorwerpen te voorkomen.
  • Doe het condoom over de penis wanneer deze stijf is en vóór genitaal contact met de partner.
  • Plaats het opgerolde condoom over de top van de stijve penis.
  • Laat 1 cm vrij aan de top van het condoom om het zaad op te vangen.
  • Druk met één hand de lucht uit de top van het condoom.
  • Indien de man onbesneden is, moet de voorhuid worden teruggetrokken voordat het condoom wordt afgerold.
  • Rol met de andere hand het condoom over de penis tot aan de basis en druk eventuele luchtbelletjes eruit.
  • Zorg voor voldoende vochtigheid (lubricatie) tijdens de gemeenschap.
  • Gebruik bij latex condooms alleen glijmiddel op waterbasis. Glijmiddelen op oliebasis (zoals vaseline, bakvet en -olie, mineraalolie, massageolie en bodylotion) kunnen de latex verzwakken, waardoor het condoom kan scheuren.
  • Houd het condoom stevig tegen de basis van de penis tijdens terugtrekken en trek de penis terug terwijl deze nog stijf is om afglijden van het condoom te voorkomen.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Volgende: Andere seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's)

Illustraties
Tabellen
Disclaimer