MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

Glaucoom is een beschadiging van de oogzenuw die vaak gepaard gaat met een verhoogde oogboldruk, hetgeen tot een steeds groter, onomkeerbaar verlies van het gezichtsvermogen leidt.

Ongeveer 14 miljoen mensen over de gehele wereld hebben glaucoom. Het hoogste risico om de ziekte te krijgen hebben mensen ouder dan 40 jaar, mensen van negroïde afkomst, mensen bij wie de aandoening in de familie voorkomt en mensen die verziend of bijziend zijn, aan diabetes mellitus lijden, lange tijd corticosteroïden hebben gebruikt en mensen die eerder een oogverwonding hebben opgelopen. Glaucoom is wereldwijd de derde oorzaak van blindheid.

Glaucoom treedt op wanneer de productie en afvoer van vocht in het oog (kamerwater) niet in evenwicht is, zodat de oogboldruk tot een te hoog niveau stijgt. Normaal gesproken wordt het kamerwater, dat het oog van voedingsstoffen voorziet, geproduceerd door het straallichaam achter de iris (in de achterste oogkamer), waarna het in het voorste gedeelte van het oog (voorste oogkamer) terechtkomt om vervolgens via afvoerkanaaltjes tussen de iris en het hoornvlies (de ‘hoek') uit het oog te verdwijnen. Wanneer het systeem goed functioneert, werkt het als kraan (straallichaam) en gootsteen (afvoerkanaaltjes). Als de vochtproductie en -afvoer in evenwicht zijn (zoals bij een openstaande kraan en een goed functionerende gootsteen), blijft het vocht vrij doorstromen en wordt de druk in het oog niet opgebouwd.

Bij glaucoom raken de kanaaltjes waarlangs het vocht wordt afgevoerd, verstopt, geblokkeerd of bedekt. Het vocht kan het oog niet verlaten, ook al wordt er in de achterste oogkamer nieuw vocht geproduceerd. Met andere woorden, de ‘gootsteen' loopt dus vol en de ‘kraan' blijft lopen. Omdat het vocht in het oog nergens naartoe kan, wordt de druk in het oog hoger. Wanneer de druk hoger wordt dan de oogzenuw kan verdragen, ontstaat glaucoom. Soms valt de verhoogde oogboldruk binnen het normale bereik, maar is deze desondanks te hoog voor de oogzenuw.

De meeste gevallen van glaucoom kunnen in twee categorieën worden ingedeeld: openkamerhoekglaucoom en kamerhoekafsluitingsglaucoom.

Openkamerhoekglaucoom komt het vaakst voor. Bij openkamerhoekglaucoom raken de afvoerkanaaltjes in de ogen in de loop van maanden of jaren geleidelijk verstopt. De druk in het oog stijgt langzaam omdat het vocht in een normaal tempo wordt geproduceerd, maar traag wordt afgevoerd.

Kamerhoekafsluitingsglaucoom komt veel minder vaak voor dan openkamerhoekglaucoom. Bij kamerhoekafsluitingsglaucoom raken de afvoerkanaaltjes in de ogen plotseling geblokkeerd of bedekt. De druk in het oog stijgt snel omdat de vochtafvoer plotseling wordt geblokkeerd terwijl de productie doorgaat.

Bij de meeste patiënten is de onderliggende oorzaak van glaucoom niet bekend. Zowel openkamerhoekglaucoom als kamerhoekafsluitingsglaucoom komen echter vaak in families voor. Bij andere patiënten wordt de afvoer van vocht belemmerd door schade aan het oog door een infectie, ontsteking, tumor, wijdverspreide grijze staar of andere aandoeningen, of door staaroperaties, waardoor de oogboldruk toeneemt en de oogzenuw beschadigd raakt (secundair glaucoom).

illustrative-material.figure-short 1

Normale afvoer van het oogkamerwater

Normale afvoer van het oogkamerwater

Dit vocht wordt geproduceerd in het straallichaam achter de iris (achterste oogkamer), waarna het vóór in het oog (in de voorste oogkamer) terechtkomt om vervolgens via afvoerkanaaltjes uit het oog te verdwijnen.

Symptomen

Openkamerhoekglaucoom: dit is een pijnloze vorm van glaucoom die niet met vroege symptomen gepaard gaat. Het belangrijkste symptoom van openkamerhoekglaucoom is de geleidelijke ontwikkeling van blinde plekken, delen van het gezichtsveld waar het gezichtsvermogen verloren gaat. Dit kan maanden of jaren duren. De blinde plekken worden langzaam groter totdat ze samenvallen. Het perifere gezichtsveld gaat meestal eerst verloren en het verlies van het gezichtsvermogen gaat zo geleidelijk dat het vaak pas wordt opgemerkt wanneer er al een groot deel verloren is gegaan. Omdat het centrale gezichtsveld over het algemeen het laatste verloren gaat, ontwikkelen veel patiënten kokerzien: recht vooruit zien ze perfect, maar in alle andere richtingen worden ze blind. Indien glaucoom niet wordt behandeld, gaat uiteindelijk ook het centrale gezichtsveld verloren en wordt de patiënt volledig blind.

Kamerhoekafsluitingsglaucoom: bij deze aandoening stijgt de oogboldruk zeer snel, zodat patiënten met deze vorm van glaucoom doorgaans plotseling last hebben van hevige oog- en hoofdpijn, roodverkleuring, wazig zien, regenboogkleurige lichtkringen rondom lichten en een plotselinge vermindering van het gezichtsvermogen. Ze kunnen ook misselijk zijn en moeten overgeven als reactie op de verhoogde oogboldruk.

Kamerhoekafsluitingsglaucoom wordt als een medische noodsituatie beschouwd, omdat als de aandoening niet wordt behandeld patiënten hun gezichtsvermogen al binnen twee tot drie uur na de eerste symptomen kunnen verliezen.

Als iemand ooit openkamerhoekglaucoom of kamerhoekafsluitingsglaucoom aan één oog heeft gehad, is de kans groot dat hij dit ook aan het andere oog krijgt.

Screening en diagnose

Aangezien de meest voorkomende vormen van glaucoom in de loop van de jaren geleidelijk en ongemerkt verlies van het gezichtsvermogen kunnen veroorzaken, is het uiterst belangrijk dat de ziekte in een vroeg stadium wordt ontdekt. Elke één tot twee jaar zou een uitgebreid oogonderzoek moeten worden uitgevoerd bij mensen die een verhoogde kans hebben op glaucoom: mensen ouder dan 40 jaar, mensen van negroïde afkomst, familieleden van mensen met glaucoom en mensen die ernstig bijziend of verziend zijn, die aan diabetes mellitus lijden, die langdurig corticosteroïden hebben gebruikt of die eerder verwondingen aan het oog hebben gehad.

Een uitgebreid oogonderzoek naar glaucoom bestaat uit vier onderdelen. Eerst wordt de druk in het oog gemeten. Dit wordt gedaan met een tonometer (zie Symptomen en diagnose van oogaandoeningen: Tonometrie) en doet geen pijn. Over het algemeen worden meetwaarden van boven de 20 tot 22 mmHg voor de oogdruk als verhoogd beschouwd.

Het meten van de oogdruk alleen is niet voldoende, want ten minste eenderde van de mensen met glaucoom heeft een normale oogdruk. Daarom kijkt de arts ook met een oftalmoscoop en een spleetlamp of er veranderingen in de oogzenuw zijn die wijzen op schade door glaucoom. (zie Symptomen en diagnose van oogaandoeningen:DiagnoseIllustraties) en (zie Symptomen en diagnose van oogaandoeningen:DiagnoseIllustraties)

Daarnaast kan een arts door middel van gezichtsveldonderzoek (perifere gezichtsveld) blinde vlekken ontdekken. Meestal wordt het gezichtsveld onderzocht met een machine waarmee wordt bepaald of de persoon kleine lichtpuntjes in alle delen van het gezichtsveld kan zien. (zie Symptomen en diagnose van oogaandoeningen: Gezichtsveldonderzoek)

Ten slotte kan de arts met een speciale lens de afvoerkanaaltjes in het oog onderzoeken. Dit wordt ‘gonioscopie' genoemd. Met de gonioscoop kan de arts onderzoeken of het om openkamerhoekglaucoom of kamerhoekafsluitingsglaucoom gaat.

Behandeling

Als iemand ten gevolge van glaucoom zijn gezichtsvermogen eenmaal (gedeeltelijk) heeft verloren, is dit onherstelbaar. Als glaucoom echter wordt ontdekt, kan verder verlies van het gezichtsvermogen met de juiste behandeling worden voorkomen. Het doel van een glaucoombehandeling is dus om te voorkomen dat het gezichtsvermogen verloren gaat of dat het verder achteruit gaat.

De behandeling van glaucoom duurt de rest van het leven en bestaat uit verlaging van de oogdruk door vermindering van de hoeveelheid vocht die het oog produceert of door verbetering van de afvoer ervan. Sommige mensen met een hoge oogboldruk die geen tekenen vertonen van schade aan de oogzenuw (bij hen wordt glaucoom vermoed) kunnen zorgvuldig worden gecontroleerd, maar hebben geen behandeling nodig.

Oogdruppels en oogoperaties zijn de belangrijkste behandelmethoden bij openkamerhoekglaucoom en kamerhoekafsluitingsglaucoom.

In het algemeen worden oogdruppels met bètablokkers, prostaglandinen, alfa-agonisten, koolzuuranhydraseremmers of cholinergica voorgeschreven om glaucoom te behandelen. De meeste patiënten met openkamerhoekglaucoom reageren goed op deze geneesmiddelen. Ze worden ook wel voorgeschreven aan mensen met kamerhoekafsluitingsglaucoom, hoewel voor deze aandoening niet oogdruppels, maar een operatie de belangrijkste behandeling is. Glaucoomoogdruppels zijn over het algemeen veilig, maar ze kunnen uiteenlopende bijwerkingen veroorzaken. Patiënten moeten ze voor de rest van hun leven gebruiken, zodat regelmatige controles nodig zijn voor de oogdruk, de oogzenuwen en het gezichtsveld.

Een operatie kan nodig zijn indien oogdruppels de oogdruk niet effectief onder controle kunnen houden, indien iemand geen oogdruppels kan aanbrengen of indien iemand bijwerkingen ondervindt van het gebruik van de oogdruppels. Door middel van laserchirurgie kunnen verstopte afvoerkanaaltjes worden geopend bij mensen met openkamerhoekglaucoom (laser-trabeculoplastiek) of kan een opening in de iris worden gemaakt (laser perifere iridectomie of iridotomie) bij mensen met kamerhoekafsluitingsglaucoom. Met beide technieken wordt de vochtafvoer verbeterd. Laserchirurgie vindt doorgaans in een ziekenhuis of in speciale klinieken plaats. Er worden verdovende oogdruppels toegediend om pijn te bestrijden. Meestal kunnen de patiënten dezelfde dag nog naar huis.

Een filteroperatie is de andere chirurgische methode om glaucoom te behandelen. Bij een filteroperatie maakt de arts een nieuw afvoersysteem (trabeculectomie), zodat het vocht buiten de verstopte of geblokkeerde afvoerkanaaltjes om het oog kan verlaten. Een filteroperatie ter behandeling van glaucoom vindt over het algemeen in een ziekenhuis plaats. Meestal kunnen de patiënten dezelfde dag nog naar huis.

De meest voorkomende complicatie bij laserchirurgie ter behandeling van glaucoom is een tijdelijke verhoging van de oogboldruk. Deze wordt met glaucoomoogdruppels behandeld. In zeldzame gevallen kan de laser die bij de ingreep wordt gebruikt het hoornvlies (cornea) verbranden, maar deze verbrandingen genezen meestal snel. Bij laser- en filteroperaties kunnen ontstekingen en bloedingen in het oog optreden. Deze zijn echter gewoonlijk van korte duur. Filteroperaties kunnen in een enkel geval leiden tot dubbelzien, cataract (grijze staar) of een infectie.

Na een glaucoomoperatie worden oogdruppels voorgeschreven en wordt het oog onderzocht om de oogdruk te controleren en om er zeker van te zijn dat de behandeling effectief was.

Omdat ernstige kamerhoekafsluitingsglaucoom als medische noodsituatie wordt beschouwd, kan de arts overgaan tot behandelingen die sterkere en directere effecten hebben dan die met oogdruppels of een operatie. Ze kunnen glycerine- of acetazolamidepillen of intraveneuze middelen als mannitol gebruiken als ze denken dat het oog kwetsbaar is voor hoge druk. Ook worden zo snel mogelijk oogdruppels gegeven. Indien nodig wordt een noodoperatie uitgevoerd.

De behandeling van glaucoom veroorzaakt door andere aandoeningen hangt af van de oorzaak. Bij infecties of ontstekingen kunnen oogdruppels met antibiotica, antivirale middelen of corticosteroïden voor genezing zorgen. Als een tumor de vochtafvoer blokkeert, moet deze worden behandeld, evenals grijze staar die zo uitgebreid is dat de oogboldruk stijgt. Een verhoogde oogboldruk die het gevolg is van een staaroperatie wordt behandeld met glaucoomoogdruppels die de oogboldruk verminderen. Indien oogdruppels niet werken, kan een filteroperatie worden uitgevoerd om een nieuwe afvoer te creëren waarlangs het vocht het oog kan verlaten.

TYPE

MIDDEL

BIJZONDERE BIJWERKINGEN

OPMERKINGEN

 

bètablokkers

betaxolol Handelsnaam
Betoptic
Kerlon

carteolol Handelsnaam
Teoptic

levobunolol

metipranolol Handelsnaam
Beta Ophtiole

timolol Handelsnaam
Loptomit
Timoptol

kortademigheid, trage hartslag, licht in het hoofd, koude vingers en tenen, slapeloosheid, vermoeidheid, depressie, levendige dromen, hallucinaties, seksuele disfunctie, haaruitval; zie ook .

werking: verlaagde kamerwaterproductie

vorm: oogdruppels

overige opmerkingen: sommige bijwerkingen zijn heviger bij patiënten met aandoeningen van hart, longen en bloedvaten

prostaglandineachtige verbindingen 

bimatoprost Handelsnaam
Lumigan

latanoprost Handelsnaam
Xalatan

travoprost Handelsnaam
Travatan

verhoogde pigmentatie van oog en huid; verlengde en verdikte oogwimpers; spier-, gewrichts- en rugpijn; huiduitslag

werking: verhoogde afvoer van kamerwater

vorm: oogdruppels

alfa-agonisten 

apraclonidine Handelsnaam
Iopidine

brimonidine Handelsnaam
Alphagan

dipivefrine Handelsnaam
Diopine
Dipivefrine

epinefrine Handelsnaam
Epinefrine
Epipen

veranderingen van bloeddruk, hartritmestoornis, hoofdpijn, vermoeidheid, droge mond, droge neus

werking: verlaagde productie en verhoogde afvoer van kamerwater

vorm: oogdruppels

koolzuuranhydraseremmers

acetazolamide Handelsnaam
Diamox
Glaupax

brinzolamide Handelsnaam
Azopt

dorzolamide Handelsnaam
Trusopt

vermoeidheid, gewichtsverlies, depressie, gebrek aan eetlust, misselijkheid, erectiestoornissen, metalen of bittere smaak, diarree, nierstenen, lage bloedwaarden

werking: verlaagde kamerwaterproductie

vorm: brinzolamide Handelsnaam
Azopt
en dorzolamide Handelsnaam
Trusopt
worden als oogdruppels toegediend; acetazolamide Handelsnaam
Diamox
Glaupax
wordt oraal toegediend

cholinergica

carbachol Handelsnaam
Carbachol

demecarium

ecothiopaat

fysostigmine

pilocarpine Handelsnaam
Isopto Carpine
Pilogel
Salagen

pupilvernauwing, wazig zien, cataractvorming, transpireren, hoofdpijn, tremor, speekselvloed, diarree, buikkramp, misselijkheid

werking: verhoogde afvoer van kamerwater en verwijding van oogkamerhoek

vorm: oogdruppels; fysostigmine wordt als zalf gegeven

overige opmerkingen: demecarium, ecothiopaat en fysostigmine zijn sterker en geven een grotere kans op cataract en systemische bijwerkingen dan carbachol Handelsnaam
Carbachol
en  pilocarpine Handelsnaam
Isopto Carpine
Pilogel
Salagen

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven
Illustraties
Tabellen
Disclaimer