MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Goedaardige prostaathyperplasie

Goedaardige prostaathyperplasie is een niet-kwaadaardige (benigne) vergroting van de prostaat die de urinelozing kan bemoeilijken.

Goedaardige prostaathyperplasie komt vaker voor naarmate mannen ouder worden, met name na de leeftijd van 50 jaar. De exacte oorzaak is niet bekend, maar houdt waarschijnlijk verband met veranderingen die worden geïnduceerd door hormonen, met name testosteron Handelsnaam
Andriol
Testoderm
Testoviron
.

Naarmate de prostaat groter wordt, drukt de klier de plasbuis geleidelijk meer samen en blokkeert zo de urinestroom (urinewegobstructie). De blaas van een man met goedaardige prostaathyperplasie wordt tijdens het urineren niet altijd volledig geleegd. Het gevolg hiervan is dat er steeds urine in de blaas achterblijft, waardoor de patiënt gevoeliger wordt voor nierstenen en urineweginfecties. Aanhoudende obstructie kan nierbeschadiging tot gevolg hebben.

Geneesmiddelen als vrij verkrijgbare antihistaminica en neussprays kunnen de weerstand van de urinestroom verhogen of het vermogen van de blaas om samen te trekken verminderen; hierdoor treedt bij een man met goedaardige prostaathyperplasie tijdelijk urineretentie op.

Symptomen

Goedaardige prostaathyperplasie veroorzaakt pas symptomen wanneer de vergrote prostaat de uitstroom van urine begint te belemmeren. In het begin merkt de patiënt dat de urinelozing wat moeilijker op gang kan worden gebracht. Soms heeft hij ook het gevoel dat niet alles is uitgeplast. Aangezien er steeds urine in de blaas achterblijft, moet hij vaker plassen, vaak 's nachts (nycturie). Ook wordt de aandrang om te urineren steeds sterker. De hoeveelheid urine en de kracht van de straal kunnen merkbaar afnemen en soms heeft de patiënt last van nadruppelen.

Daarnaast kunnen zich andere problemen voordoen, maar slechts een klein aantal mannen met goedaardige prostaathyperplasie heeft hier last van. Obstructie van de urinestroom in combinatie met urineretentie kan de druk in de blaas verhogen en de stroom van urine vanuit de nieren vertragen, waardoor de nieren onder druk komen te staan. Deze toegenomen druk kan de nierfunctie verstoren, hoewel het effect als de obstructie vroegtijdig wordt verholpen meestal slechts tijdelijk van aard is. Bij aanhoudende obstructie kan de blaas overmatig opgerekt raken, waardoor overloopincontinentie optreedt. (zie Urine-incontinentie: Vormen en oorzaken)

Naarmate de blaas wordt opgerekt, worden kleine aders in de blaas en plasbuis ook opgerekt. Deze aders kunnen soms barsten wanneer de patiënt bij het urineren hard perst, waardoor er bloed in de urine komt. Er kan urineretentie optreden, waardoor urineren onmogelijk wordt en er een vol gevoel en ernstige pijn in de onderbuik ontstaan.

Diagnose

Bij rectaal onderzoek kan een arts meestal voelen of de prostaat vergroot is. De arts brengt zijn gehandschoende en met glijmiddel ingesmeerde vinger in de endeldarm van de man in. De prostaat is vlak voor de endeldarm voelbaar. Een prostaat die is aangetast door goedaardige prostaathyperplasie, voelt vergroot en glad aan, maar is bij aanraking niet pijnlijk.

Soms neemt een arts wat bloed af om de nierfunctie te beoordelen. Bij mannen met goedaardige prostaathyperplasie bij wie prostaatkanker wordt vermoed, wordt soms het gehalte prostaatspecifiek antigeen in het bloed bepaald (PSA-onderzoek). Er kan een urinemonster worden onderzocht om infecties uit te sluiten.

Verder onderzoek is meestal niet nodig. Als de diagnose niet duidelijk is of de ernst van de goedaardige prostaathyperplasie onbekend is, kan aanvullend onderzoek echter zinvol zijn. Door middel van echografie kan de grootte van de prostaat of de hoeveelheid urine die na het urineren in de blaas achterblijft, worden bepaald. Om urineretentie vast te stellen kan een arts ook via de plasbuis een katheter inbrengen nadat de patiënt heeft geprobeerd zijn blaas te legen.

Behandeling

Behandeling is niet noodzakelijk, tenzij goedaardige prostaathyperplasie bijzonder hinderlijke symptomen of complicaties veroorzaakt (zoals urineweginfecties, nierfunctiestoornis, bloed in de urine, nierstenen of urineretentie).

Wanneer goedaardige prostaathyperplasie wel wordt behandeld, worden gewoonlijk eerst geneesmiddelen geprobeerd. Alfa-adrenerge receptorblokkers (zoals terazosine Handelsnaam
Hytrin
, doxazosine Handelsnaam
Cardura
of tamsulosine Handelsnaam
Omnic
) ontspannen bepaalde spieren van de prostaat en blaas en kunnen de urine-uitstroom vergemakkelijken. Sommige geneesmiddelen (zoals finasteride Handelsnaam
Proscar
) kunnen de effecten omkeren van de mannelijke hormonen die verantwoordelijk zijn voor de groei van de prostaat. Deze middelen doen de prostaat kleiner worden en dragen ertoe bij dat de noodzaak van een operatieve ingreep of andere behandelingen wordt uitgesteld. Soms moet de patiënt echter wel 3 maanden of langer finasteride Handelsnaam
Proscar
innemen voordat de symptomen verminderen. Daarnaast bemerken veel mannen die finasteride Handelsnaam
Proscar
gebruiken, nooit enige verlichting van hun symptomen.

Als geneesmiddelen geen effect hebben, kan een operatieve ingreep worden uitgevoerd. Een dergelijke ingreep biedt de grootste verlichting van symptomen, maar kan tot complicaties leiden. De procedure die het meest wordt toegepast, is transurethrale resectie van de prostaat (TURP). Hierbij schuift de arts een endoscoop (een flexibele kijkbuis) de plasbuis in. Aan de endoscoop is een chirurgisch instrument bevestigd waarmee een deel van de prostaat wordt weggenomen. Bij TURP wordt de patiënt meestal met een ruggenprik verdoofd. Deze procedure bespaart de patiënt een chirurgische incisie.

Wanneer een TURP wordt uitgevoerd, moet de patiënt een nacht in het ziekenhuis blijven. TURP kan leiden tot complicaties als infectie en bloeding. Ook heeft ongeveer 5% van de mannen die deze ingreep ondergaat, na afloop last van urine-incontinentie, wat meestal van tijdelijke aard is. Blijvende incontinentie doet zich voor bij ongeveer 1% van de mannen. De procedure veroorzaakt bij ongeveer 5 tot 10% van de mannen blijvende erectiele disfunctie (impotentie). Bij ongeveer 10% van de mannen die TURP ondergaat, moet de ingreep binnen 5 jaar worden herhaald. Er zijn nog diverse andere operatieve behandelingen, maar deze bieden minder symptoomverlichting dan TURP; wel is daarbij het risico van complicaties lager. De meeste van deze ingrepen worden uitgevoerd door een instrument via de plasbuis in te brengen. Bij deze behandelingen wordt prostaatweefsel vernietigd door verhitting door microgolven (transurethrale thermotherapie of hyperthermie), door een naald (transurethrale naaldablatie), ultrasone geluidsgolven (gerichte geluidsgolven met hoge intensiteit), elektrische vaporisatie (transurethrale elektrovaporisatie) of lasers (laserbehandeling). Door een ballonnetje op te blazen dat door de plasbuis is ingebracht, kan de prostaat met kracht worden verwijd (transurethrale ballondilatatie).

Het kan zijn dat problemen door urineobstructie eerst moeten worden behandeld voordat de goedaardige prostaathyperplasie definitief wordt behandeld. Urineretentie kan worden behandeld door via de plasbuis een katheter in te brengen om de blaas te legen. Infecties kunnen met antibiotica worden behandeld.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Introductie

Volgende: Prostaatkanker

Illustraties
Tabellen
Disclaimer