MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

Kanker kan in elk van de vrouwelijke geslachtsorganen ontstaan: in de vulva, vagina, baarmoederhals, baarmoeder, eileider of eierstokken. Deze vormen van kanker worden ‘gynaecologische kanker' genoemd.

Gynaecologische kanker kan rechtstreeks in nabijgelegen weefsels en organen binnendringen of zich via de lymfevaten en -klieren (het lymfevaatstelsel) of de bloedbaan naar andere delen van het lichaam uitzaaien (metastaseren).

Diagnose

Als regelmatig een inwendig onderzoek wordt uitgevoerd, een uitstrijkje (Papanicolaou-test of Pap-test) wordt gemaakt of ander vergelijkbaar onderzoek wordt uitgevoerd (zie Symptomen en diagnose van gynaecologische aandoeningen: Diagnostische procedures), kunnen bepaalde vormen van gynaecologische kanker in een vroeg stadium worden opgespoord. Dit geldt vooral voor kanker van de baarmoederhals en van de baarmoeder. Door dergelijk onderzoek kan soms worden voorkomen dat er kanker ontstaat doordat afwijkingen (voorstadia van kanker) vroegtijdig worden ontdekt.

Als kanker wordt vermoed, kan de diagnose meestal met een biopsie worden bevestigd of uitgesloten. Is de diagnose kanker bevestigd, dan kunnen een of meer onderzoeken worden uitgevoerd om het stadium van de kanker vast te stellen. Het stadium wordt bepaald door de grootte van de tumor en de mate waarin deze zich heeft uitgezaaid. Enkele veelgebruikte onderzoeksmethoden zijn echografie, computertomografie (CT), magnetische kernspinresonantie (magnetic resonance imaging, MRI), thoraxfoto's en bot- en leverscans met behulp van radioactieve stoffen.

Stagering (het toekennen van een stadium aan een vorm van kanker) maakt het voor een arts eenvoudiger om de beste behandeling te kiezen. Een arts bepaalt het stadium vaak nadat hij de tumor heeft verwijderd en een biopsie van de omringende weefsels en de lymfeklieren heeft verricht. De stadia van baarmoeder- en eierstokkanker gaan van I (het vroegste stadium) tot IV (kanker in een gevorderd stadium). Bij de andere vormen van gynaecologische kanker is stadium 0 het vroegste stadium. De kanker beperkt zich dan nog tot het oppervlak van het aangetaste orgaan. Bij sommige vormen van kanker worden de stadia nog verder onderverdeeld door middel van een letter.

Behandeling

De belangrijkste behandeling van gynaecologische kanker is chirurgische verwijdering van de tumor. De operatie kan door radiotherapie of chemotherapie worden gevolgd. Radiotherapie kan uitwendig worden toegepast (waarbij een groot apparaat wordt gebruikt), maar ook inwendig (waarbij radioactieve implantaten worden gebruikt die direct op de tumor worden aangebracht). Uitwendige radiotherapie wordt meestal een aantal dagen per week gedurende enkele weken toegepast. Bij inwendige radiotherapie is zolang de implantaten zich in het lichaam bevinden een verblijf in het ziekenhuis (van een aantal dagen) nodig.

Chemotherapie kan per injectie of oraal worden toegediend. Chemotherapie wordt gedurende 5 dagen tot 6 weken gegeven (afhankelijk van het geneesmiddel), waarna een herstelperiode van enkele weken zonder chemotherapie volgt. Deze cyclus kan enkele malen worden herhaald. Soms moet de vrouw voor de duur van de chemotherapie in het ziekenhuis worden opgenomen.

Wanneer een gynaecologische kanker in een vergevorderd stadium verkeert en er geen genezing mogelijk is, kan toch radiotherapie of chemotherapie worden gegeven om de tumor of de uitzaaiingen ervan te laten slinken of pijn en andere symptomen te verlichten. Vrouwen met ongeneeslijke kanker doen er goed aan hun wensen met betrekking tot medisch handelen kenbaar te maken. (zie Juridische positie van de patiënt: Schriftelijke wilsverklaring)

Omdat de terminale zorg is verbeterd, kunnen steeds meer vrouwen met ongeneeslijke kanker zo comfortabel mogelijk thuis sterven. (zie Overlijden en het stervensproces: Introductie)

De angst en pijn die mensen met ongeneeslijke kanker vaak ondervinden, kunnen met speciale geneesmiddelen worden verlicht.

illustrative-material.table-short 1

STAGERING VAN VORMEN VAN KANKER IN HET VROUWELIJKE VOORTPLANTINGSSYSTEEM*

vorm van kanker

stadium 0

stadium I

stadium II

stadium III

stadium IV

baarmoederslijmvlieskanker (endometriumkanker)

beperkt tot bovenste deel van baarmoeder (niet in baarmoederhals)

uitgezaaid naar baarmoederhals

uitgezaaid naar nabijgelegen weefsels, maar nog wel tot bekkengebied beperkt

A: uitgezaaid naar blaas of endeldarm

B: uitgezaaid naar verder gelegen organen

eierstokkanker

beperkt tot één of beide eierstokken

uitgezaaid naar baarmoeder, eileiders en/of nabijgelegen weefsels in bekken

uitgezaaid buiten het bekken naar lymfeklieren of andere buikorganen (zoals oppervlak van lever of darm)

uitgezaaid buiten buik of in lever

baarmoederhalskanker

beperkt tot oppervlak baarmoederhals

beperkt tot baarmoederhals

uitgezaaid naar nabijgelegen weefsels, maar nog wel tot bekkengebied beperkt

uitgezaaid in gehele bekkengebied, waarbij soms urineleiders afgesloten raken

A: uitgezaaid naar blaas of endeldarm

B: uitgezaaid naar verder gelegen organen

vulvakanker

beperkt tot oppervlak vulva

beperkt tot vulva en/of gebied tussen openingen van endeldarm en vagina (perineum); 2 cm of kleiner

in vulva en/of perineum, maar groter dan 2 cm

in vulva en/of perineum en uitgezaaid naar nabijgelegen weefsels en/of lymfeklieren

uitgezaaid voorbij nabijgelegen weefsels naar blaas, darm of verder gelegen lymfeklieren

vaginakanker

beperkt tot slijmvlies vagina

beperkt tot vagina, maar dieper (in wand)

uitgezaaid naar nabijgelegen weefsels, maar nog wel tot bekkengebied beperkt

uitgezaaid in gehele bekkengebied en mogelijk naar nabijgelegen organen en lymfeklieren

A: uitgezaaid naar blaas of endeldarm

B: uitgezaaid naar verder gelegen organen

eileiderkanker

beperkt tot slijmvlies eileiders

beperkt tot eileiders, maar dieper (in wand)

uitgezaaid naar nabijgelegen weefsels, maar nog wel tot bekkengebied beperkt

uitgezaaid in het gehele bekkengebied en mogelijk naar nabijgelegen organen en lymfeklieren

uitgezaaid naar verder gelegen organen

* Vereenvoudiging van het stageringssysteem van de Internationale Federatie voor Gynaecologie en Obstetrie.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Volgende: Baarmoederhalskanker

Illustraties
Tabellen
Disclaimer