MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Procedures tijdens de bevalling

Opwekking van de weeën is een kunstmatig begin van de weeënactiviteit. Meestal worden de weeën opgewekt door toediening van oxytocine Handelsnaam
Syntocinon
, een hormoon dat de baarmoeder vaker en krachtiger doet samentrekken. Het toegediende oxytocine Handelsnaam
Syntocinon
is identiek aan het hormoon dat door de hypofyse wordt geproduceerd. Oxytocine Handelsnaam
Syntocinon
wordt intraveneus toegediend met behulp van een infusiepomp, zodat de hoeveelheid nauwkeurig kan worden gereguleerd. Soms wordt de bevalling ingeleid met prostaglandinen, die de baarmoederhals doen ontsluiten. Tijdens het opwekken van de weeën wordt de hartfrequentie van de foetus gecontroleerd met behulp van CTG. Eerst wordt een transducer op de buik van de vrouw geplaatst. Nadat de vliezen zijn gebroken, kan via de vagina een elektrode worden ingebracht die op de schedel van de foetus wordt bevestigd. Als het niet lukt om de weeën op te wekken, wordt de baby via een keizersnede gehaald.

Weeënstimulatie is het kunstmatig versnellen van weeën die niet effectief of te traag zijn. Hiervoor wordt oxytocine Handelsnaam
Syntocinon
gebruikt. De weeënactiviteit wordt gestimuleerd wanneer een vrouw weeën heeft die de foetus niet effectief door het geboortekanaal bewegen.

Weeënremming is het kunstmatig vertragen van weeën die te krachtig zijn. In zeer zeldzame gevallen heeft een vrouw weeën die te sterk zijn, elkaar te snel opvolgen of beide. Als deze weeën door toediening van oxytocine Handelsnaam
Syntocinon
worden veroorzaakt, wordt hiermee onmiddellijk gestopt. De vrouw kan in een andere positie worden gelegd en pijnstillers krijgen. Als de weeën spontaan optreden, kan een weeënremmend middel (zoals fenoterol of atosiban) worden toegediend om de weeën te stoppen of te vertragen.

Een verlostang (forceps) is een metalen chirurgisch instrument met afgeronde kanten die om het hoofd van de foetus passen. De verlostang wordt af en toe als hulpmiddel gebruikt bij een normale bevalling. De verlostang is nodig wanneer de foetus in nood is of een afwijkende ligging heeft, wanneer de vrouw moeite heeft met persen of wanneer de bevalling lang duurt. De verlostang is nodig wanneer de foetus in nood is of de uitdrijving te lang duurt. In zeldzame gevallen kan het gebruik van de verlostang een kneuzing van het gezicht van de baby veroorzaken of een inscheuring van de vagina van de moeder.

In plaats van een verlostang kan een vacuümextractor als hulpmiddel bij een bevalling worden gebruikt. Een vacuümextractor bestaat uit een kleine cup van metaal of kunststof, die met een vacuümpomp is verbonden. De vacuümextractor wordt in de vagina ingebracht en oefent een zuigende werking uit op het hoofd van de foetus. In zeldzame gevallen veroorzaakt een vacuümextractor een beschadiging van de schedelhuid van de baby.

Een keizersnede (sectio caesarea) is de chirurgische geboorte van een baby via een insnijding door de buik- en baarmoederwand van een vrouw. Een arts voert deze ingreep uit wanneer hij denkt dat dit voor de vrouw, voor de baby of voor beiden veiliger is dan een vaginale bevalling. In de Verenigde Staten komt ongeveer één op de vier baby's op deze manier ter wereld. In Nederland komt dit aanzienlijk minder vaak voor. Bij deze chirurgische procedure zijn een gynaecoloog, een anesthesist, verpleegkundigen en soms een kinderarts betrokken. Door het gebruik van verdovingsmiddelen, intraveneuze geneesmiddelen, antibiotica en bloedtransfusies is een keizersnede veilig. Snelle mobilisatie van de vrouw na de operatie reduceert het risico van longembolie, waarbij bloedstolsels die in de benen of het bekken ontstaan, zich naar de longen bewegen en daar slagaders blokkeren. In vergelijking met een vaginale bevalling veroorzaakt een bevalling via een keizersnede in het algemeen meer pijn. Bovendien moet de vrouw langer in het ziekenhuis blijven en duurt het herstel langer.

Bij een keizersnede wordt een insnijding (incisie) gemaakt in het bovenste of het onderste deel van de baarmoeder. Een incisie in het onderste deel is gebruikelijker. Het onderste deel van de baarmoeder bevat minder bloedvaten, waardoor er meestal minder bloedverlies is. Bovendien is het litteken na genezing sterker, zodat er minder kans bestaat dat het litteken bij volgende zwangerschappen opengaat. De incisie in het onderste deel kan horizontaal of verticaal zijn. Een incisie in het bovenste deel van de baarmoeder wordt in het algemeen toegepast wanneer de placenta de baarmoederhals afsluit (een complicatie die ‘voorliggende placenta' of ‘placenta praevia' wordt genoemd), wanneer de foetus horizontaal in het geboortekanaal ligt of wanneer de foetus veel te vroeg wordt geboren.

Een vrouw bij wie een incisie in het onderste deel van de baarmoeder is uitgevoerd, bevalt bij een volgende zwangerschap meestal vaginaal. Een vaginale bevalling is bij ongeveer driekwart van deze vrouwen succesvol. De vrouwen moeten echter bevallen in een ziekenhuis waar snel een keizersnede kan worden uitgevoerd, omdat er een zeer klein risico bestaat dat de incisie van de eerdere keizersnede tijdens de bevalling opengaat.

illustrative-material.figure-short 2

Het gebruik van een verlostang of vacuümextractor

Het gebruik van een verlostang of vacuümextractor

Bij een bevalling kan een verlostang (forceps) of een vacuümextractor als hulpmiddel worden gebruikt. Een verlostang wordt om het hoofd van de baby geplaatst. Een vacuümextractor blijft met behulp van zuigkracht op het hoofd van de baby zitten. Met beide instrumenten wordt de baby behoedzaam naar buiten getrokken terwijl de vrouw perst.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Problemen met de timing van de weeën

Illustraties
Tabellen
Disclaimer